[EnschedeRamp] Forum
Welkom, Gast. Alsjeblieft inloggen of registreren.
30 Mei 2020, 20:23:53

Login met gebruikersnaam, wachtwoord en sessielengte
Zoek:     Geavanceerd zoeken
NB! Als u lid wilt worden stuur dan een verzoek naar:

EnschedeRamp@gmail.com
8043 aantal berichten in 693 topics door 21 geregistreerde leden
Nieuwste lid: MvT
* Startpagina Help Zoek Inloggen Registreren
  Laat berichten zien
Pagina's: [1] 2 3 ... 135
1  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Herdenking 2020 Gepost op: 8 Mei 2020, 21:29:38

Onze hoogwaardigheidsbekleders mogen overal naartoe.

Ik heb noodzakelijke redenen genoeg om op 13 mei 2020 naar de herdenking te gaan.




 



2  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Re: Enschede revisited Gepost op: 7 Januari 2020, 15:42:48
@Fred Vos ziet op een paar foto's zijn hypothese bevestigd en gaat voorbij aan de feiten.
Er is een container en een bunker uiteen gespat dat verklaard voor mij de twee detonaties en is een feit.
Dat blok beton dat op het muziekcentrum viel 66 seconden na een detonatie dat blok beton ongeacht hoe zwaar het was moet dus een hoogte hebben bereikt van ongeveer zeshonderd meter. Feit.

En Fred Vos zocht nog para-abnormalen, Marion de vriendin van Pater was bang dat er nog twee grote knallen zouden volgen, Marion was toen in revalidatiecentrum het Roesingh en voelde zich daar niet veilig. Dat is toch een soort van voorkennis en/of daderkennis.

Heb al vaker gevraagd op welke foto's Fred Vos zijn hypothese baseerde, maar heb nog geen foto gezien dus dat blijft gissen.

Vind het ook niet netjes van Fred Vos dat hij Paul Buitenen sart met een aangifte tegen de aangifte en auteursrechten.
Paul van Buiten maakt een paar schoonheidsfoutjes, zet uw ego dan even aan de kant Fred Vos  en help Paul waar u kan.

Omdat Fred Vos geen idee heeft van de omvang van de ramp (dat zijn alleen maar cijfers) bied ik hem een rondleiding door het rampgebied aan wanneer het Fred Vos uitkomt.
Feiten is wetenschap en een hypothese is fictie.
3  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Re: Enschede revisited Gepost op: 7 Januari 2020, 14:56:54
 
Op het propaganda filmpje ziet men na 18 seconden het vuurwerk waarschuwingsbord van onze defensie voor kruitladingen hier is dat schietkatoen.
Dat schietkatoen valt onder de klasse 1.3 C vuurwerk volgens het bord. dus niet klasse 1.1 zoals ik altijd dacht.
Defensie stopt dat schietkatoen (1.3 vuurwerk) in een grote loop en schiet er granaten mee af hoe meer schietkatoen hoe verder de granaat kan komen.

---------------------------------------------------------
Pantserhouwitsers schieten 'low-tech' met Noorse munitie
 Bron: ministerie van defensie

https://youtu.be/f9aG2jjaxIc
4  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Re: aangifte tegen 'klokkenluider' Gepost op: 8 November 2019, 13:36:45
test
5  Enschede 13 mei 2000 / Rapporteur Vuurwerkramp PvB / 41. Hoe en waarom van aangifte Gepost op: 8 November 2019, 12:38:25
41. Hoe en waarom van aangifte

Paul van Buitenen

Op maandag 28 oktober jl. deden drie belanghebbenden en ondergetekende aangifte van strafbare feiten gepleegd door een groot aantal overheidsinstanties in het kader van de Vuurwerkramp.

01. De aangevers
1.Jan Paalman: ex-rechercheur RBT-Tolteam dat de strafrechtelijke opsporing verrichtte onder aansturing van het Openbaar Ministerie. Hij meldde intern de onrechtmatigheid van het OM-bewijs. Dit kostte hem zijn baan als politieman. Is belanghebbende.
2.Rudi Bakker: ex-mede-eigenaar van het bedrijf S.E. Fireworks. Werd door het Openbaar Ministerie door de mangel gehaald en publiekelijk als crimineel neergezet. Onterecht veroordeeld voor de dood van 23 slachtoffers. Is belanghebbende.
3.Mathilde van der Molen: weduwe van brandweerman Hans van der Molen die tijdens de inzet bij de Vuurwerkramp om het leven kwam. Is belanghebbende.
4.Paul van Buitenen: voormalig Europarlementariër en lid van de Expertgroep Klokkenluiders. Deed vijf jaar onderzoek naar de Vuurwerkramp. Is geen direct belanghebbende bij de Vuurwerkramp, maar wél onrechtstreeks door de wijze waarop het OM de rechtsstaat ondermijnt bij de opvolging van de Vuurwerkramp.

02. De strafklachten

Onder meer: Dood-door-schuld, doodslag, ambtsmisdrijf, valsheid in geschrifte, meineed, bedrog, verduistering, (schriftelijke) smaad, bedreiging/intimidatie van getuigen en verdachten, onrechtmatig verkregen bewijs, misleiding van rechterlijke macht, ondermijning van de rechtsstaat, misbruik van recht.

03. Verplichting tot het doen van aangifte

Gelet op de aard van de strafbare feiten, cumulerend in activiteiten gericht tegen de rechtsstaat, alsmede gelet op de hoedanigheid van de daders, zoals colleges en ambtenaren van de Nederlandse staat, volgt uit de artikelen 160 (Kennis dragen van een misdrijf) en 162 (Verplicht aangifte te doen) van het Wetboek van strafvordering dat er een aangifteplicht bestaat van deze strafbare feiten.

04. Doelstelling van aangifte

Met het doen van deze aangifte beogen de aangevers niet alleen waarheidsvinding, maar ook heropening van de strafrechtelijke onderzoeken, strafvervolging van de schuldigen, rehabilitatie en schadeloosstelling door de overheid van mede-ondergetekenden Jan Paalman en Rudi Bakker, ook Andre de Vries (postuum) en Charl de Roy van Zuydewijn. Tevens waarheidsvinding voor verwerking door-, en schadeloosstelling door overheid aan, slachtoffers/nabestaanden Vuurwerkramp. Erkenning van de schuld door de overheid aan de dood van de slachtoffers en met name aan de dood van de vier brandweerlieden die in opdracht van de overheid de brand en ramp bestreden.

05. Waarom aangifte?

De vier aangevers probeerden jarenlang de waarheid boven water te krijgen, niet alleen betreffende de toedracht van de Vuurwerkramp, maar zeker ook aangaande de opsporing, vervolging en de conclusies van de overheid n.a.v. de ramp. Deze waarheid is niet te vinden in de officiële overheidsrapportages. Bovendien werkt de Nederlandse overheid op systematische wijze tegen dat aanwijzingen of bewijzen een heropening van het strafrechtelijk onderzoek kunnen betekenen. Ook de reviewrapportage van ondergetekende schuift de overheid terzijde, zonder daarbij op de inhoud van het rapport in te gaan. Bij een aangifte waarvan dit rapport onlosmakelijk deel uitmaakt, wordt de overheid gedwongen om wél naar die inhoud te kijken en er een oordeel over te vormen.

06. Aangifte van feiten die al dan niet vervolgbaar zijn

Naast de normaal vervolgbare feiten, zoals het plegen van ‘Dood-door-schuld-met-voorwaardelijke-opzet’, gepleegd door nog in leven zijnde daders, zijn in deze aangifte ook feiten opgenomen, die geïsoleerd beschouwd niet vervolgbaar zijn. Dat zijn reeds verjaarde feiten, of feiten gepleegd door inmiddels overleden daders, alsmede kleinere feiten die ‘an sich’ niet vervolgbaar zijn. Deze feiten geven in gezamenlijkheid beschouwd het bewijs van samenspanning door de overheid tot aantasting van de Nederlandse rechtsstaat.

07. Bestaande overheidsrapportages

Uit het strafrechtelijk onderzoek door de overheid werd geconcludeerd de brand was aangestoken. Aangever Paalman en een toenmalige collega legden getuigenverklaringen af bij het gerechtshof waaruit bleek dat het bewijs van het Openbaar Ministerie onrechtmatig verkregen was. Zij verklaarden dit in weerwil van zowel de korpsleiding (korpschef Piet DEELMAN), als het Openbaar Ministerie (advocaat-generaal WELSCHEN). Hierop werd de onschuldig tot 15 jaar (!) cel veroordeelde André de Vries (†) vrijgesproken door het Hof.

Deze onrechtmatigheid van het OM-bewijs werd daarna bevestigd door een intern politieonderzoek, maar burgemeester MANS en minister DONNER lieten de rijksrecherche in 2004 onderzoek doen, waaruit de conclusie was dat er geen onrechtmatigheden zijn voorgevallen tijdens de strafvervolging. Daarom kan de overheid dit blijven volhouden.

Naast deze ontkenning van onrechtmatigheden, betoogt de Nederlandse overheid op technisch vlak dat uit de onderzoeken van rijksinspecties, TNO, NFI en de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp (COV), blijkt dat de escalatie van brand naar ramp slechts kon gebeuren doordat het vuurwerkbedrijf S.E. Fireworks ‘Te-veel-en-te-zwaar’ vuurwerk in opslag had.

08. Nieuwe situatie door de review

De door ondergetekende uitgevoerde review toont aan dat de rapportages van de COV, TNO en het NFI, op onrechtmatige wijze tot stand zijn gekomen, onder gebruikmaking van onwetenschappelijke bewijsmethodes, gemanipuleerde onderzoeksbevindingen, verkeerd geïnterpreteerde getuigenverklaringen en gefingeerde contra-expertises.

De door ondergetekende uitgevoerde review toont ook aan dat de rapportage van de rijksrecherche uit 2004 eveneens op onrechtmatige wijze tot stand is gekomen. Zo is de onderzoeksopdracht verkeerd uitgevoerd en is op subjectieve wijze onderzoek gedaan met een vooropgezette doelstelling om eerdere kritische bevindingen te ontkrachten. Dit is geconstateerd aan de hand van aan ondergetekende gelekt materiaal uit de rijksrecherche. Ook is aangetoond dat een verificatie van het rijksrechercherapport door de Nationale Ombudsman onjuist is uitgevoerd, waarbij een belangrijke rol was weggelegd voor het college van Pg’s.

Ook zijn tijdens de review de in 2010-2012 door het OM uitgevoerde ‘feitenonderzoeken’ geanalyseerd, voor zover dat kon met via WOB verkregen stukken en verklaringen van getuigen die zijn gehoord bij die onderzoeken. De review toonde aan dat de feitenonderzoeken Esaltato (2010), VerEsal (2011) en Daslook (2012) alleen waren bedoeld ter neutralisering van nieuwe aanwijzingen betreffende de ramp en de strafvervolging.

Daarom zorgt de reviewrapportage voor een volledig nieuwe situatie: Er is aangetoond dat bestaande overheidsrapportages op onrechtmatige wijze tot stand zijn gekomen. Deze onrechtmatige rapportages liggen aan de basis van alle veroordelingen, vonnissen en uitspraken op het gebied van strafrecht, civielrecht, bestuursrecht, tuchtrecht en uitkeringen aan slachtoffers. Bij de beoordeling van de ontvankelijkheid van deze aangifte kan het Openbaar Ministerie niet meer op automatische piloot varen dat ‘Alles reeds is onderzocht is en er van onrechtmatigheden niets is gebleken’. Daarvoor dient eerst het reviewrapport van ondergetekende te worden geverifieerd.

09. Vervolging overheid: Eerste en Tweede Kamer

De centrale en decentrale overheid kan in Nederland vaak niet strafrechtelijk worden vervolgd voor strafbare gedragingen. Dit is gebaseerd op artikel 51 Sr. (1976) en jurisprudentie, zoals de HR-arresten: Volkel, Pikmeer-1 en 2 en Grafheuvel.

Het OM besluit in 2001 om de overheid ter zake van de Vuurwerkramp niet te vervolgen, op grond van genoemde jurisprudentie, werd door de Tweede Kamer als onbevredigend ervaren. Naar aanleiding van de Vuurwerkramp én de Nieuwjaarsbrand Volendam, kwam er een initiatief wetsontwerp om strafvervolging van de overheid voortaan makkelijker te maken. Dit wetsontwerp is op 11 juni 2013 in de Tweede Kamer aangenomen, maar op 10 november 2015 in de Eerste Kamer weggestemd, op één stem verschil. Hieraan lag de motivering ten grondslag dat de overheid alleen verantwoording verschuldigd is binnen de politiek, Kamer en gemeenteraad. Verantwoording aan de strafrechter werd niet wenselijk geacht, want handelingen van de overheid worden geacht te strekken tot de behartiging van het algemeen belang.

10. Deze aangifte tegen de overheid kent andere uitgangspunten

In tegenstelling tot eerdere vervolgingspogingen is deze aangifte niet gericht op onrechtmatige gedragingen bij vergunningverlening, controle, handhaving en andere gedragingen in het kader van exclusieve bestuurstaken. Deze gedragingen worden weliswaar aangegeven, doch slechts ter ondersteuning van een wél vervolgenswaardige onrechtmatige gedraging van de overheid, namelijk de ‘Ondermijning van de rechtsstaat’.

Het algemeen belang is gediend met veiligheid en rechtszekerheid. Dit zou uitgangspunt moeten zijn van de Nederlandse overheid bij de afwikkeling van de Vuurwerkramp, alleen al om een soortgelijke ramp in de toekomst te voorkomen. In de aangifte zijn 32 overheid gerelateerde partijen opgenomen die in samenhang stelselmatig hebben gehandeld in strijd met het algemeen belang, op grond waarvan betrokken overheidsinstellingen zich dienen in te spannen om de oorzaak van de Vuurwerkramp te achterhalen, ten einde herhaling te voorkomen. Tevens dient zowel de gemeente Enschede als de brandweerorganisatie zich als werkgever in te spannen om de arbeidsomstandigheden van de betrokken diensten zo veilig mogelijk te maken.

Het belemmeren van onderzoek in samenhang, staat haaks op deze wettelijke verplichtingen en is strijdig met art. 17 EVRM. Een overheid die regels stelt aan het maatschappelijk verkeer, verliest haar geloofwaardigheid wanneer die regels niet op haarzelf van toepassing zijn en publiekrechtelijke rechtspersonen die regels ongestraft kunnen overtreden. De overheid kan niet strafrechtelijke vervolging ontlopen met de motivering dat zij in het openbaar belang handelt, terwijl zij tegelijkertijd onderzoeken dwarsboomt en daarmee niet alleen haar verantwoordelijkheid ontloopt, maar daarmee ook de rechtsstaat ondermijnt en tevens de samenleving bewust blootstelt aan het risico van nóg een vuurwerkramp.

11. Vervolging overheid bij nagelaten wettelijke taken.

Tijdens de in het kader van de Vuurwerkramp gevoerde strafrechtelijke procedures en de gevoerde civiele claimprocedures tegen de overheid, fixeerden de verdediging, respectievelijk de eisers, zich op de verwijtbare gedragingen van de overheid. Nooit keken zij naar het nalaten van wettelijk voorgeschreven taken voor bijvoorbeeld de opgedragen brandweerzorg. Juist deze nalatigheid maakte de ramp mogelijk. Daarbij geldt de immuniteit van de overheid voor strafvervolging, verschaft door de werking van de Pikmeer-arresten, alleen voor wettelijke gedragingen, maar niet voor het nalaten van wettelijk opgedragen taken. De overheid is dus op dat gebied wél strafrechtelijk vervolgbaar, ondanks het sneuvelen van eerder genoemd wetsontwerp, omdat de Pikmeer-arresten geen immuniteit bieden voor strafvervolging van nagelaten wettelijk verplichte taken.

12. Vervolging overheid: Inbreuk EVRM (Recht op eerlijk proces)

Ten aanzien van veroordeelde verdachten geldt artikel 6 van het EVRM: het recht op een eerlijk proces. Nu de review van ondergetekende heeft uitgewezen dat zowel in de strafzaak tegen André de Vries (†), als in de strafzaak tegen Bakker/Pater, de overheid gebruik heeft gemaakt van onrechtmatig verkregen bewijs, zal die overheid daarvoor dienen te worden vervolgd.

13. Vervolging overheid bij strafbaar werkgeverschap.

De rijksoverheid, de regionale brandweer en de gemeente Enschede hebben verzuimd om de wettelijk voorgeschreven brandweerzorg uit te oefenen. Hierdoor is de Vuurwerkramp mogelijk gemaakt en zijn brandweerlieden op verkeerde wijze naar de vuurwerkbrand gestuurd. Gelet op deze en andere tekortkomingen (verkeerde voorschriften, negeren gevarenaanduidingen, verkeerde aansturing) zijn deze brandweerlieden, werknemers van de gemeente Enschede, tijdens de aan hen opgedragen uitoefening van hun taken, door hun werkgever ‘de facto’ de dood ingestuurd. Wanneer de overheid als werkgever zó slecht haar zorgplicht voor werknemers nakomt dat dit leidt tot het overlijden van vier brandweerlieden van de gemeente Enschede, dan is niet langer sprake van immuniteit voor strafvervolging. Dan prevaleert de positie van de overheid als werkgever en kan de overheid strafrechtelijk worden aangesproken voor ‘Dood-door-schuld’ al dan niet met ‘voorwaardelijke opzet’ of zelfs ‘Doodslag’.

14. Vervolging overheid bij ondermijning van de Staat.

Het geheel aan strafbare feiten en niet-strafbare maar wel verwijtbare feiten, zoals weergegeven in de aangifte gedaan op 28 oktober jl. geeft een zeer verontrustend beeld. Er is sprake van systematische misleiding door het OM van de rechterlijke macht, van foutieve strafvervolgingen en van het nalaten van strafvervolging. Er is sprake van mislukte civiele claimprocedures door een onjuiste voorstelling van zaken door de landsadvocaat. Ook is er sprake van misleiding door de regering en het college van B&W Enschede van de democratisch gekozen controleorganen Tweede Kamer en Enschedese gemeenteraad. Tenslotte is er sprake van misbruik- en frustratie door het OM van tuchtrechtelijke procedures binnen de politie. Al deze onrechtmatigheden vormen tezamen een ernstige en gerichte ondermijning van de rechtsstaat. In die zin is er sprake van staatsbedreigende activiteiten die ook voor vervolging in aanmerking komen.

Gepubliceerd door
Paul van Buitenen
6  Enschede 13 mei 2000 / Rapporteur Vuurwerkramp PvB / 40. Vervolg op aangifte Vuurwerkramp Gepost op: 8 November 2019, 12:35:38
40. Vervolg op aangifte Vuurwerkramp

Paul van Buitenen

Dit is de eerste van een reeks van 4 artikelen over de achtergronden van de aangifte van maandag 28 oktober 2019 bij politie Enschede en het vervolg dat nodig is om de strafbare feiten Vuurwerkramp Enschede boven water te krijgen.

LinkedIn Artikel Nr. 41: Het hoe en waarom van de aangifte
•De keuze van de aangevers.
•Opsomming van de strafklachten.
•Verplichting tot het doen van aangifte gelet op de aard van de strafbare feiten en de wetenschap.
•De doelstelling van de aangifte
•De timing en de reden van de aangifte.
•Waarom er naast vervolgbare feiten ook niet (meer) vervolgbare feiten worden opgevoerd.
•Nieuwe situatie: bestaande overheidsrapportages zijn nu ontkracht.
•Opsomming van de betrokken overheidsinstanties.
•Uitleg waarom strafvervolging van de overheid in dit geval toch mogelijk is.

LinkedIn Artikel Nr. 42: De daders en hun gedragingen

In dit artikel wordt uitgebreider ingegaan op de opsomming van de daders in de aangifte. Dit betreft de volgende instellingen en personen:
•Dertig (30) instellingen of organisatieonderdelen van de centrale en lagere overheid.
•Tweeëntachtig (82) met name genoemde personen handelend in opdracht van de overheid. Met name 12 (hoofd)officieren van justitie en 4 procureurs-generaal.
•Negen (9) personen die bij eerdere onderzoeken strafrechtelijk onderzocht hadden moeten worden.
•Dertig (30) personen van geduide overheidsorganisaties, die nog niet met naam zijn genoemd in de aangifte, maar die onderdeel kunnen uitmaken van een aanvullende aangifte. Zie artikel 43.

Deze opsomming gaat vergezeld van details over de wijze van betrokkenheid en de verwijtbare gedragingen, dan wel verwijtbaar nalaten, van de in de aangifte genoemde personen.

LinkedIn Artikel Nr. 43: Het vervolg op de aangifte

Zoals tot nog toe altijd gebruikelijk was, denkt het Openbaar Ministerie er van uit te kunnen gaan dat de aangevers braaf af gaan wachten wanneer het OM een beslissing neemt over seponeren van de aangifte dan wel het openen van een strafrechtelijk onderzoek. Dat is het OM niet kwalijk te nemen. Tot nog toe ging dat ook zo. In 2000 wachtte men op Oosting. In 2001 en 2002 wachtte men op het OM met de officieren STAM en DE MUIJ. In 2003 was de Advocaat-generaal mr. WELSCHEN aan zet. Daarna was het zeven jaar wachten totdat het OM een oriënterend feitenonderzoek opende, met nog twee onderzoeken erachteraan, allen zonder opsporingsbevoegdheden en deels met een onrechtmatige bemanning. Dit alles onder regie van het college van Pg’s, nodig om de nieuwe aanwijzingen ‘kalt te stellen’.

Dat gaan we nu anders doen. Dat moet ook, want de strafaangifte handelt ook over het disfunctioneren van het Openbaar Ministerie zelf. Dus afwachten of datzelfde OM zichzelf gaat onderzoeken is een niet te adviseren bezigheid, zo vlak voor de twintigste gedenkdag van de ramp.

Daarom gaan de aangevers het vervolg op de strafaangifte zelf mede bepalen. Het Openbaar Ministerie moet weten dat het de aangevers ernst is en dat we deze keer door gaan drukken. De aangifte is geen laatste strohalm zoals een journalist het mij in de mond wilde leggen, maar een breekijzer dat we steeds dieper in de wonde gaan wringen. Daarvoor is een zes fasen plan ontworpen dat voorziet in een geleidelijke verhoging van de druk op de waarheidsvinding van de Vuurwerkramp. Kern van dit plan is een gefaseerde openbaarmaking van de onderliggende bewijzen achter de aangifte. Alsmede surprises.

Stay tuned …

Gepubliceerd door
Paul van Buitenen
Onderzoeker Vuurwerkramp

Bron Linkedin: https://www.linkedin.com/pulse/40-vervolg-op-aangifte-vuurwerkramp-paul-van-buitenen?trk=related_artice_40.%20Vervolg%20op%20aangifte%20Vuurwerkramp_article-card_title

 
7  Enschede 13 mei 2000 / Rapporteur Vuurwerkramp PvB / 39. Uitnodiging gemeenteraad Enschede Gepost op: 8 November 2019, 12:33:09
39. Uitnodiging gemeenteraad Enschede

Paul van Buitenen

Aan de fractievoorzitters van de gemeenteraad Enschede, 20 september 2019

Op 24 september 2018 mocht ik aan uw gemeenteraad een presentatie geven over mijn bevindingen na een jarenlange review van de Vuurwerkramp dossiers. Deze presentatie vond plaats op maandag direct voor de reguliere gemeenteraadsvergadering. De helft van de raadsleden was aanwezig.

In oktober 2018 heeft mijn concept reviewrapport (1101 blz.), een maand lang bij de raadsgriffie ter inzage gelegen voor de gemeenteraadsleden. Slechts enkele raadsleden namen de moeite om het dossier écht te raadplegen.

Op 12 november 2018 reageerde u als raadspresidium schriftelijk op de presentatie en de terinzagelegging. Daarin stelde u dat er geen rol voor de gemeenteraad was weggelegd, omdat eerst de Tweede Kamer aan zet is. U beweerde dat ik dat ook aangaf. Dit is onjuist. Ik had juist aangegeven dat de gemeenteraad een eigen verantwoordelijkheid heeft in de kwestie van de Vuurwerkramp. Ook legde u een relatie tussen het ontbreken van hoor en wederhoor en een mogelijke aanklacht wegens smaad. Ook dit is onjuist. Ik informeerde u dat hoor en wederhoor geen onderdeel zijn van een deskreview. Een aanklacht wegens smaad (art.261 WvS) is altijd mogelijk, ook indien het reviewrapport juist is.

Op 27 mei 2019 schreef ik een uitgebreide mail naar burgemeester Van Veldhuizen, in zijn hoedanigheid als voorzitter van het college van B&W, met een kopie aan alle leden van de gemeenteraad. Daarin maakte ik m.b.t. de Vuurwerkramp gedetailleerd melding van misstanden en laakbare gedragingen, waarbij de gemeente Enschede direct betrokken was. Ook gaf ik aan dat zowel burgemeester Mans als burgemeester Van Veldhuizen de raad hebben misleid over de toedracht en omstandigheden van de Vuurwerkramp.

Op 15 juli 2019 ontving ik een korte reactie, niet van de burgemeester, aan wie mijn brief was gericht, maar van u als raadspresidium. De naam en handtekening van uw voorzitter, burgemeester Van Veldhuizen, ontbrak bij de ondertekenaars, terwijl juist zijn handelen in genoemde brief van aan de kaak werd gesteld. In dit antwoord schrijft u:

“We blijven bij ons standpunt zoals in onze brief van 12 november 2018 is aangegeven. We benadrukken nogmaals dat we waarheidsvinding niet in de weg willen staan. De voornaamste vragen in uw mail leiden naar de strafrechtelijke vraag welke spelers zich destijds al dan niet aan de wettelijke regels hebben gehouden. Daar gaan wij niet over. Ook een oordeel over het handelen van onze gemeentelijke bestuursorganen, kan alleen plaatsvinden binnen het onafhankelijke rechtssysteem. Het college van procureurs-generaal heeft u de suggestie gedaan eventueel een herzieningsverzoek aan de Hoge Raad voor te leggen. Daar sluiten wij ons bij aan.”

Deze reactie sloeg mij met stomheid. Claimen de waarheidsvinding niet in de weg te staan is werkelijk bizar. De raad zou met waarheidsvinding voorop moeten lopen, in het belang van de inwoners van Enschede, door wie u gekozen bent. De vragen in mijn mail leiden helemaal niet uitsluitend naar het strafrecht. Integendeel zelfs, het politieke verantwoordingsproces, dat is gelopen binnen de gemeenteraad n.a.v. de Vuurwerkramp, vervangt zelfs het strafrecht daar waar de overheid wegens de ‘Pikmeerarresten’ niet strafrechtelijk vervolgbaar is. Burgemeester Van Veldhuizen licht u op dit punt volstrekt verkeerd voor, en blijft daarbij kennelijk graag uit de wind van dit dossier.

Daarnaast is de suggestie gedaan door het college van Pg’s een lege suggestie, waartegen een klacht loopt bij de minister. De Hoge Raad zal bij een derde herzieningsverzoek altijd terugvallen op de bestaande rapportages van TNO, NFI en rijksrecherche. Rapporten waarvan ik juist aantoon dat zij ondeugdelijk zijn geweest. Zo’n strafrechtelijk traject staat helemaal los van de beide politieke verantwoordingsprocessen op gemeentelijk en nationaal niveau (college B&W/gemeenteraad resp. regering/Tweede Kamer).

Daarom heb ik vervolgens telefonisch contact gezocht met een aantal raadsleden of fractievoorzitters binnen de gemeenteraad Enschede. Ik vroeg of ik hen één-op-één kon ontmoeten om over de ontstane situatie te praten. Ik sprak daarbij over de onwenselijkheid van raadsleden die voor hun verantwoordelijkheid blijven weglopen en het feit dat ik mij gedwongen kon zien om, bij blijvend disfunctioneren van de gemeenteraad, mij rechtstreeks te wenden tot de inwoners van Enschede. Zij hebben recht op de waarheid. Daarbij stuitte ik bij de raadsleden op grote reserves om mij te ontmoeten, zeker indien dat één-op-één zou zijn. Weliswaar werd formeel de bereidheid uitgesproken om mij aan te horen, maar dit was onder voorwaarden. Het liefst zag men dat ik zou vragen om een bijeenkomst met alle fractievoorzitters. Zo zou niemand zich gecompromitteerd hoeven te voelen.

Dit door mij ervaren gebrek aan interesse en daadkracht bij uw gemeenteraad stuiten mij tegen de borst. Het gaat hier om schokkende bevindingen uit een inmiddels vijf jaar durende review betreffende de Vuurwerkramp, die Enschede op zijn grondvesten deed schudden. De waarheid daarover is nooit boven tafel gekomen, maar het enige wat u doet is terugdeinzen. Dit op aangeven van burgemeester Van Veldhuizen, die u bewerkt onder vier ogen.

Er zijn een groot aantal misverstanden, waarvan er één is dat dit een puur strafrechtelijk traject zou zijn. Deze misverstanden ruim ik graag uit de weg, zodat u een eigen kijk krijgt op de kwestie, niet eenzijdig geïnformeerd, maar geïnformeerd van beide kanten. Ik claim niet de waarheid in pacht te hebben, maar met de tot nog toe door u geëtaleerde houding verhindert u iedere vorm van verificatie van de bevindingen. Op deze wijze staat u de waarheidsvinding wel degelijk in de weg. Het zou beter zijn om samen te bekijken hoe mijn bevindingen kunnen worden geverifieerd. Dat is mijns inziens uw plicht als volksvertegenwoordiger.

Graag wijs ik u nogmaals op de eigen verantwoordelijkheid van de gemeenteraad in deze. Na de Vuurwerkramp waren er verantwoordingstrajecten via het strafrecht, civielrecht, tuchtrecht en via de politiek bij gemeenteraad en Tweede Kamer. Bij serieuze aanwijzingen dat er binnen uw traject ongerechtigheden hebben plaatsgevonden is het goed als u daarnaar laat kijken. Ik stel daarom voor om in een bijeenkomst met open vizier over de ontstane situatie van gedachten te wisselen. Daarbij is er gelegenheid voor u om alle vragen, opmerkingen en reserves naar voren te brengen en zal ik naar vermogen uitleg geven.

Ondanks mijn hiervoor geuite kritiek, hoop ik mij hiermee tevens constructief op te tellen. Ik vraag alleen uw actieve interesse voor een mogelijk onwelkome waarheid achter de grootste ramp uit de recente geschiedenis van Enschede. Het feit dat het Openbaar Ministerie, Brandweer Nederland en het NFI kennelijk niet op deze waarheid zitten te wachten zou volksvertegenwoordigers er niet van moeten weerhouden om met mij in gesprek te gaan. Zeker gelet op het feit dat de overheid voor de wettelijk exclusief aan haar toebedeelde taken niet strafrechtelijk vervolgbaar is en slechts politiek ter verantwoording kan worden geroepen.

Ik spreek dan ook de hoop uit dat u die bereidheid toont. De gemeenteraad is bij wet voorzien als hét vertegenwoordigend orgaan van de inwoners van Enschede, om de gedragingen van de burgemeester en wethouders te controleren.

Ik hoop dat u deze taak niet laat liggen.

Met vriendelijke groet,
Paul van Buitenen

Bron Linkedin: https://www.linkedin.com/pulse/uitnodiging-raadspresidium-enschede-paul-van-buitenen?trk=related_artice_39.%20Uitnodiging%20gemeenteraad%20Enschede_article-card_title

8  Enschede 13 mei 2000 / Rapporteur Vuurwerkramp PvB / 38. IFV-onderzoek blusvoorschriften Gepost op: 8 November 2019, 12:31:01
38. IFV-onderzoek blusvoorschriften

Paul van Buitenen

Op verzoek van minister Grapperhaus van Justitie & Veiligheid onderzoekt het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) de geldende blusinstructie die de brandweer moet volgen bij een brand in een opslagplaats voor vuurwerk. Zie de Kamerbrief.

Inmiddels is het IFV-onderzoeksrapport bijna klaar. Het wordt 30 september aan minister Grapperhaus aangeboden. Aangezien ik bij dat onderzoek door het IFV geïnterviewd ben, mocht ik commentaar leveren op het concept van hoofdstuk-3 uit het eindrapport.

Graag maak ik mijn contacten op LinkedIn deelgenoot van de ervaringen bij dat IFV-onderzoek. Het is een kijkje in de keuken van 'deskundigenonderzoek' dat zich afspeelt binnen een door de overheid bepaalde tunnelvisie. Mijn reactie aan het IFV (27 blz.) is echt het lezen waard. Zie die brief aan het IFV van afgelopen weekend. Hieronder een korte impressie.

Blusinstructie levensgevaarlijk

De Nederlandse blusinstructie betreffende de bestrijding van brandend vuurwerk binnen een vuurwerkopslagplaats is levensgevaarlijk. In de plaats van de in het buitenland gebruikelijke voorzichtigheid, moet de brandweer in Nederland een brand in een vuurwerkopslag te lijf gaan met water. Deze blusinstructie is gebaseerd op verkeerde uitgangspunten:
•Als zou eenmaal brandend vuurwerk nog te blussen zijn met water. Dat is niet zo. Eenmaal brandend vuurwerk brandt zelfs door bij onderdompeling.
•Als zouden sprinklers binnen een afgesloten opslagruimte bij eenmaal brandend vuurwerk goed zijn. Dat is niet zo. Sprinklers verhogen het risico op een explosie wanneer er water op brandend vuurwerk komt in een afgesloten ruimte. Sprinklers hebben alleen zin in ruimtes waar nog geen vuurwerk brandt.
•Als zou de gevarenclassificatie van vuurwerk in Nederland een goede leidraad zijn voor de brandweer. Dat is niet zo. In Nederland wordt de brandweer verleidt te gaan blussen omdat klasse 1.4 ongevaarlijk zou zijn. In de ons omringende landen worden niet voor niets strengere normen gehanteerd.
•Als zouden de deuren van een vuurwerkopslag voldoende drukontlasting geven. Dat is niet zo. Het RIVM en de brandweer gaan uit van een fictie als zou door de toepassing van drukontlasting door de deur de richting van de uitworp voorspeld kunnen worden.
•Als zou de explosiviteit van vuurwerk alleen bepaald worden door de chemische samenstelling van het vuurwerk. Dat is niet zo. De wijze van opslag: Opsluiting, vullingsgraad, temperatuur, vochtigheidsgraad, ventilatie en turbulentie, is zeker zo belangrijk voor de mogelijkheid van een zware explosie.
•Als zouden de Nederlandse advies- en onderzoeksinstanties deskundig zijn. Dat is niet zo. Het gebrek aan inzicht blijkt bijvoorbeeld uit het willekeurige gebruik van het begrip ‘massa-explosie’ en het niet betrekken van de mogelijkheid van secundaire explosies (gas/damp/stof) in de analyse van vuurwerkexplosies.

IFV niet onafhankelijk

Tijdens het onderzoek van het IFV blijkt regelmatig dat zij niet onafhankelijk zijn en dat hun onderzoek zich binnen de beperking van een tunnelvisie afspeelt waarbij maar één uitkomst mogelijk is: 'De huidige blusinstructie is voldoende en behoeft geen bijstelling.'

De waarnemend commandant van de gemeentebrandweer Enschede tijdens de ramp, Stephan Wevers, is al jaren de voorzitter van de raad van brandweercommandanten van Brandweer Nederland. In die hoedanigheid is hij de eerstaangewezen adviseur van de minister van Veiligheid en Justitie op het onderhavige beleidsterrein. Zie brief Grapperhaus aan Wevers.

De bestuursvoorzitter van het IFV is de huidige burgemeester van Enschede Onno van Veldhuizen. Hij probeert de Enschedese gemeenteraad te weerhouden van nader onderzoek naar mijn bevindingen. Tot nu toe met succes.

Het IFV verandert zelfs de setting van het door hen uitgevoerde onderzoek in overleg met het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Uit de met de geïnterviewden gehouden expertsessie is gebleken dat de brandweer de kennis niet heeft om het probleem vuurwerk van de nodige wettelijk verplichte en exclusief aan de brandweer toebedeelde brandweerzorg te voorzien. Vertegenwoordigers van de brandweer geven zelf ruiterlijk toe dat zij de daartoe benodigde expertise ontberen.

De Vuurwerkramp: een loden last

Een belangrijke hinderpaal daarbij is de historische last van het brandweeroptreden tijdens de Vuurwerkramp 13 mei 2000 in Enschede. De verwijtbare gedragingen van de Nederlandse overheid en van de aangewezen adviserende instanties moesten buiten schot blijven. De strafrechtelijke veroordeling van het Enschedese bedrijf S.E. Fireworks werd geforceerd en was in strijd met de eerdere bevindingen uit de vuurwerkramp in Culemborg.

De huidige regelgeving is in essentie niet veranderd t.o.v. de regelgeving ten tijde van de Vuurwerkramp. In bijna alle gevallen was ten tijde van de ramp de vuurwerkpraktijk in het buitenland veiliger dan in Nederland. Dit is nog steeds zo. Dat in Nederland de brandweer een brand in een vuurwerkopslagplaats als routine blusactie (sic!) moet beschouwen en met een onwerkzaam blusmiddel moet blussen is een regelrechte schande. Zeker na de eerdere rampen in Culemborg en Enschede.

Bron: Linkedin.com https://www.linkedin.com/pulse/38-ifv-onderzoek-blusvoorschriften-paul-van-buitenen?trk=related_artice_38.%20IFV-onderzoek%20blusvoorschriften_article-card_title
9  Enschede 13 mei 2000 / Rapporteur Vuurwerkramp PvB / 37. Verboden waarheidsvinding Gepost op: 8 November 2019, 12:27:52
37. Verboden waarheidsvinding

Vijf jaar werkte ik aan een review van de vuurwerkramp. Een rapport van 1.393 blz.

Schokkende conclusies
1.Het toenmalige Ministerie van Justitie heeft onschuldigen laten veroordelen voor de Vuurwerkramp. Justitie bereikte dit door via het NFI en het Openbaar Ministerie misleidend bewijs te presenteren aan de rechter. Deze misleiding hield stand bij rechtbank, gerechtshof en bij de Hoge Raad.
2.Het strafrechtelijk onderzoek was er op gericht om de Nederlandse overheid buiten schot te houden. In werkelijkheid is de overheid schuldig aan het kunnen ontstaan van de ramp.
3.Het Openbaar Ministerie liet een aantal belangrijke aanwijzingen over de Vuurwerkramp links liggen. Dit betreft zowel het ontstaan van de brand ('eerste vlammetje') als de escalatie tot ramp ('tweede vlammetje'). Indien deze aanwijzingen wél waren onderzocht, was de kans groot geweest dat de ware toedracht van de Vuurwerkramp duidelijk was geworden.

Om dit alles te verbloemen wordt er door Justitie gelogen. Worden er branden verzonnen, gevarenaanduidingen verzonnen, nieuwe verklaringen afgelegd, foutieve rapporten opgemaakt, enz.

Noodzaak herstel van fouten

Voor de waarheidsvinding is het van groot belang dat de door mij vervaardigde reviewrapportage wordt geverifieerd door onafhankelijke deskundigen. Pas daarna kunnen:
•De weduwes van de gevallen brandweerlieden en de nabestaanden van de slachtoffers alsnog succesvol een schadeclaim indienen tegen de Staat der Nederlanden.
•De beide klokkenluiders van politie, Jan Paalman en Charl de Roy van Zuydewijn, door het Korps Nationale Politie gerehabiliteerd worden.
•De beide strafrechtelijk veroordeelde eigenaren van het vuurwerkbedrijf, Rudi Bakker en Willy Pater, bij de Hoge Raad om herziening vragen van het vonnis dat is gebaseerd op door het OM gefabriceerde bewijzen.
•De regelgeving voor de opslag van vuurwerk en het blussen van brandend opgeslagen vuurwerk verbeteren in Nederland, zodat de brandweer geen gevaar meer loopt.

Deskundigen weigeren naar rapport te kijken
•De gemeenteraad van Enschede kreeg het rapport in oktober 2018, maar verwijst naar de Tweede Kamer en voelt zich niet aangesproken om actie te ondernemen.
•De Tweede Kamer kreeg het rapport, vond het verontrustend, maar ingewikkeld en vroeg daarom de OVV naar mijn rapport te kijken. De OVV weigert tot tweemaal toe (Tjibbe Joustra én Jeroen Dijsselbloem) en dit op foutieve gronden.
•Het college van procureurs-generaal kregen het rapport ook, zijn na maanden leeswerk in hun reactie niet op de inhoud ingegaan en verwijzen slechts naar de reeds gelopen procedures. Ook dit is foutief, want die procedures baseren zich steeds op de rapporten die ik nu juist bekritiseer.
•Ik heb daarom op 27 juni jl. een klacht geschreven aan de minister van Justitie en Veiligheid, de heer Grapperhaus, over het college van PG's. Ik verzoek de minister om alsnog een validering van het reviewrapport mogelijk te maken. Tot nog toe ontving ik zelfs geen ontvangstbevestiging.
•Het college van B&W van Enschede bereidt op dit moment een (afwijzende) reactie voor op mijn laatste brief aan de burgemeester, waarin ik nochtans heel ver ging in het duiden van de medeplichtige rol van de gemeente Enschede. De gemeente kan dit normaal gesproken niet over zijn kant laten gaan, maar we gaan dit toch zien gebeuren.

Klemmend beroep

Ik doe daarom een klemmend beroep op al diegenen die een doorbraak kunnen bereiken in dit dossier, om de wil en de moed op te brengen de bevindingen uit mijn review van de Vuurwerkramp te (laten) valideren. Dan wordt eindelijk duidelijk of ik onzin heb opgeschreven, of dat er sprake is van een ernstige gerechtelijke dwaling. Leden van de Tweede Kamer, van de gemeenteraad Enschede, minister van Justitie en Veiligheid, burgemeester van Enschede, neem jullie verantwoordelijkheid en laat mijn rapport onderzoeken.

Gepubliceerd door
Paul van Buitenen
Onderzoeker Vuurwerkramp
10  Enschede 13 mei 2000 / Rapporteur Vuurwerkramp PvB / 36. College van procureurs-generaal-1 Gepost op: 8 November 2019, 12:26:27
36. College van procureurs-generaal-1

De antwoorden van het college Pg's (Vuurwerkramp)

Het college van Procureurs-generaal (Pg's) antwoordde mij op 4 juni jl. dat het strafrechtelijk onderzoek naar de Vuurwerkramp volgens de regels is verlopen. Zij zien in mijn reviewrapport (zie hier voor samenvatting bevindingen) geen bewijzen van het tegendeel, maar vinden dat ik alleen een andere interpretatie heb van de beschikbare onderzoeksfeiten. Volgens de PG's doe ik de onafhankelijke rechter tekort wanneer ik zeg dat het door het OM aangedragen bewijs zonder toetsing door de rechter wordt overgenomen. Voor wat betreft mijn verwijt aan de rijksrecherche verwijst het college naar een onderzoek door de Nationale Ombudsman, die in 2014 bevestigde dat de rijksrecherche goed werk leverde. Ik publiceerde dit antwoord van college PG's, volledig en zonder mijn commentaar op 7 juni op Twitter. Dit artikel is deel 1 van mijn commentaar op de brief van het college van Pg's.

Alleen beeldvorming

Het antwoord van het college PG's op mijn 1.393 pag. tellende reviewrapportage over de gedragingen van het OM na de Vuurwerkramp, gaat niet in op de inhoud van dat rapport, maar is puur gericht op de beeldvorming naar buiten. Het is een PR-stuk, waarin het college van Pg's bevestigt dat bestaande procedures zijn gevolgd en de genomen besluiten van het OM goed zijn. Het college wijst mij fijntjes op de gebruikelijke beroepsprocedures als ik het daar niet mee eens ben. Hieronder voorbeelden van die beeldvorming:

1. Opmerkelijke redenering

Het college rukt een zinsnede uit het 1.393 blz. tellende document uit zijn verband en hangt daar het label 'opmerkelijke redenering' aan. Die zinsnede is dat: "het OM heeft nagelaten het ministerie van Justitie te vervolgen", wetende dat zoiets wel vreemd over zal komen, en impliciet suggererend dat die Van Buitenen af en toe het spoor bijster is. Wat er in werkelijkheid staat is een opsomming van diverse ministeries die de fout zijn ingegaan, waaronder het ministerie van Justitie. Daarbij merk ik zelf al in mijn rapport op dat ik moeilijk kan verwachten dat het OM zichzelf vervolgt, maar dat het nu eenmaal is vastgesteld dat het ministerie van Justitie wel degelijk de fout is ingegaan, namelijk via het NFI en via het OM, en dus eigenlijk vervolgd zou moeten worden. Of ben ik zo slecht op de hoogte dat Justitie altijd is vrijgesteld van vervolging?

2. Pikmeer-jurisprudentie

De Pg's suggereren dat ik te gemakkelijk veronderstel dat het strafrechtelijk onderzoek naar de overheid nutteloos was, omdat volgens mij door de Pikmeer-jurisprudentie toch al vaststond dat de overheid buiten vervolging gehouden zou worden. De Pg's stellen dat dit niet klopt, want er dient eerst onderzocht te worden op welk gebied de gedragingen van de overheid plaatsvinden om te weten of er sprake is van immuniteit van de overheid. De Pg's misleiden hiermee de lezer, maar bevestigen in feite wél mijn stelling. Het gevoerde OM-onderzoek was gericht op de vraag of de immuniteit voor de overheid kon worden ingeroepen. Het OM-onderzoek was niet gericht op de mogelijke strafbaarheid van de gedragingen van de overheid. Voor de Pg's is dat hetzelfde, maar voor mij, en de slachtoffers waarvoor mijn review is bedoeld, zijn dit twee wezenlijk verschillende manieren van onderzoek bedrijven. Dit komt ook tot uiting door de verschillende gezichtspunten van politie en OM. Daar waar de politie dacht bezwarende feiten tegen de overheid te hebben gevonden heeft het OM (jawel: in opdracht van de Pg's) strafvervolging van de overheid verboden. Dit staat wel degelijk in de review. Met onderbouwing.

De Pg's stellen tenslotte ook nog dat het OM wel degelijk overheden vervolgt en dat dit in tegenspraak is met mijn conclusie. Mijn antwoord hierop is simpel: Het OM zal alleen overheden vervolgen wanneer het belang van de staat niet in het geding is. Wat ik daaronder versta, onder welke omstandigheden en met welke motieven, staat allemaal uitgewerkt in het reviewrapport. En bij de Vuurwerkramp was (en is) het belang van de staat in het geding. Dat toon ik aan. Maar zolang dit niet openbaar is en de 1393 blz. moeilijk behapbaar blijven, zal het OM en zullen de Pg's hiermee wegkomen. Daarom doe ik de ontsluiting in kleine stappen. Er zal steeds meer naar buiten komen. Geleidelijk, maar onstuitbaar.

3. Opdracht door Pg's aan OM

De Pg's beweren dat zij nooit de opdracht gegeven zouden hebben aan het OM om de gemeente Enschede niet te vervolgen. Volgens de Pg's werden en worden dergelijke opdrachten vanuit het college nooit verstrekt aan de plaatselijke OM-parketten. Echter, de review zegt daarover heel wat meer dan de Pg's suggereren. Niet alleen citeer ik een passage uit het boek van politiemedewerker Bollen, die daarin melding maakt van een vergadering op 17 januari 2001 waarin deze buitenvervolgingstelling wordt meegedeeld. Ook wijs ik op de consistentie, zowel in de tijd als naar inhoud, met de even daarvoor bekend gemaakte buitenvervolgingstelling van de gemeente Volendam voor de Nieuwjaarsbrand. Die beslissing voor Volendam was makkelijker te verdedigen en kon meteen bekend worden gemaakt door het OM (in aanwezigheid van een Pg). Voor Enschede bleef de beslissing tot buitenvervolgingstelling nog enkele maanden binnenskamers, totdat de vervolging van de gecreëerde brandstichter De Vries en de Fireworks eigenaren Bakker/Pater op poten stond. Je kunt immers geen overheid buiten vervolging stellen als je het publiek niet meteen andere daders aanreikt. Bovendien wijs ik op de openbare documenten uit april en mei 2001, waarin wel degelijk staat dat de Pg's een vervolging van de overheid niet opportuun vinden, gelet op de gevoeligheid van het dossier. Welk OM gaat dan nog vervolgen? Tenslotte staan her en der verspreid in het reviewrapport aanwijzingen die komen uit gesprekken met politiemensen die wel degelijk naar het OM én de Pg's wijzen wanneer onverteerbare beslissingen binnenskamers moeten worden uitgelegd.

4. Misleiding rechter

Op dit punt gaat het college Pg's totaal niet in op de in de review aangedragen aanwijzingen en bewijzen voor de misleiding van de rechter door het OM. Er wordt door de Pg's slechts gewezen op de twee door de Hoge Raad afgewezen herzieningsverzoeken van Fireworks directeur Bakker. De Pg's wijzen mij erop dat de mogelijkheid van een derde herzieningsverzoek de enige weg is om hier recht te doen als ik dat zou willen proberen. Het antwoord hierop is wederom simpel. Het gerechtshof en de Hoge Raad baseerden zich blindelings op de bevindingen van TNO en het NFI. Die bevindingen zijn ronduit foutief. Ik geef dat aan en bewijs dat. Tot nog toe wil geen enkele onafhankelijke instantie daarnaar kijken. Aftredend OVV-voorzitter Joustra wees een verzoek daartoe van de Kamervoorzitter zelfs af. Eveneens op foutieve gronden, (zie hier). De nieuwe OVV-voorzitter Dijsselbloem reageert niet op mijn hernieuwde verzoek (nogmaals hier). Toch zal het mij lukken om de technische gedeelten van de review aan het oordeel van te goeder naam en faam bekendstaande en onafhankelijk deskundigen te onderwerpen. Pas daarna heeft het zin een derde herzieningsverzoek in te dienen.

5. Systematische tunnelvisie

Het college van Pg's constateert terecht dat een van de centrale conclusies van de review is dat het OM in een tunnelvisie opereerde. Een tunnel gebaseerd op de juistheid van bestaande vuurwerkvoorschriften, waardoor de ramp er volgens het OM alleen kon komen door een inbreuk op die voorschriften. Maar dan verzuimen de Pg's de aanwijzingen en bewijzen te weerleggen waarop die tunnelvisie is gebaseerd. In de plaats daarvan kiest het college van Pg's voor de suggestieve beeldvorming dat "kennelijk alle betrokken partijen zijn meegegaan in die tunnelvisie, of zich hebben laten overtuigen door het OM, inclusief de rechter". De Pg's leggen mij dan nog eens uit dat de rechter toch echt onafhankelijk is en geen 'lijdzame entiteit' is. Volgens de Pg's doe ik de rechter tekort. Wat de Pg's echter in hun brief aan mij hadden moeten doen is ingaan op de door mij in de review gepresenteerde weerlegging van alle bewijsmiddelen. Zo'n weerlegging is alleen mogelijk door aan te tonen dat het OM (én het NFI) in een tunnel zijn omgegaan met belastend en ontlastend bewijs. Verkeerde berekening voorraad, verkeerde afmetingen 'krater', verkeerde aannames vuurwerk, verkeerde weergave gevarenaanduidingen, aanname van een brand, aanname van een gat, selectief shopgedrag in verklaringen, dirigeren van onderzoek, intimideren van getuigen en verdachten, dubieuze vervolgingskeuzes, enz. enz. Ook mijn dubbele en onderbouwde verwijt aan de rechterlijke macht blijft onbesproken, namelijk: a) Door de rechter is geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid van eigen onderzoek en b) De rechter ziet het OM te vaak als onafhankelijke instantie die aan waarheidsvinding doet, hetgeen uiteraard niet het geval is. En ja, dat toon ik aan.

De Pg's lossen dit eenvoudig op: zij gaan daar niet over; het is de rechter die beslist, uiteraard in onafhankelijkheid. En alle technische hoofdstukken die het falen van NFI, TNO en rijksinspecties bespreken, zijn volgens de Pg's sowieso onbespreekbaar voor hen.

6. Rijksrecherche

Een van de meest prangende verwijten in de review is het door mij als zeer nalatig geduide presteren van de rijksrecherche. De opdracht van de rijksrecherche om de hypothese over misleiding van de rechterlijke macht 'koste-wat-kost' van tafel te krijgen, wordt door de Pg's als een (veronder)stelling gepresenteerd. De Pg's gaan hierin helemaal voorbij aan het bewijs dat ik hiervoor aanvoerde in de review. Deze wijsheid heb ik van de onderzoekers zelf die de hypothese over misleiding van de rechterlijke macht hadden geformuleerd. Ook hier wordt door de Pg's weer gekozen voor beeldvorming. De Pg's verwijzen naar een onderzoek door de Nationale Ombudsman wat resulteerde in de bevestiging van de bevindingen van de rijksrecherche. Wat de Pg's echter niet vertellen is dat de Ombudsman deze conclusies bereikte op basis van door de Pg's aangereikte documenten. Deze waren onvolledig. Ook was de tijd te kort voor de Ombudsman-medewerkers om het achterliggende materiaal te doorgronden. Ikzelf heb daar maanden voor nodig gehad. Dat kan niet in drie dagen. Bovendien was de Ombudsman druk met een ambitieus vervolg van zijn carrière, waarvoor politieke steun onontbeerlijk was. Dit zou zijn plotselinge omslag verklaren naar de klager.

Tenslotte is de verwijzing door de Pg's naar de kennisname van de Ombudsman van de resultaten van de drie feitenonderzoeken (in de periode 2010-2012) een mededeling voor de bühne. In de review leg ik immers uitvoerig uit waarom de rapportages van deze feitenonderzoeken geen enkele waarde hebben en welke bedenkelijke rol zowel de Pg's als de rijksrecherche hebben gespeeld in de totstandkoming van de eindconclusie.

Nee, de verwijzing door de Pg's naar het 'onderzoek' door de nationale Ombudsman is een zwaktebod, dat overigens al als dusdanig was geduid in de review.

7. De gevolgen van publicatie

Tenslotte laten de Pg's niet na om mij te wijzen op de strafrechtelijke aansprakelijkheid (onder WvS art 261) als gevolg van de publicatie van mijn reviewrapport. Tevens wijzen zij mij op de mogelijkheid van civielrechtelijke claims tegen mij door degenen die ik noem in mijn rapport. Daarmee suggererend dat de door mij gedane bevindingen onwaar en smadelijk kunnen zijn. De Pg's hebben bij deze beeldvorming het voordeel dat ook beschuldigingen die feitelijk waar zijn (!) toch vervolgbaar zijn als smaad, zolang er geen gerechtelijke bevestiging is van die bevindingen. De enige uitzondering is WvS art 261 lid 3 dat stelt dat vervolging niet mogelijk is wanneer sprake is van te goeder trouw én het maatschappelijk belang is gediend met de beschuldigingen.

Dat is dus de opdracht waar ik voor sta. Aantonen dat ik te goeder trouw ben en dat mijn meldingen in het openbaar belang zijn. Dat is meteen de reden waarom ik niet meteen het hele rapport op straat kan ploffen.

Volgend artikel op deze LinkedIn pagina

In de vervolgpublicatie Artikel 37 getiteld: 'College van Procureurs-generaal-2' zal worden ingegaan op de bevindingen uit het reviewrapport en de bewijzen die er wel degelijk in staan, maar door het college Pg's worden genegeerd. Zo bewandel ik de weg naar steeds verdere openbaarmaking van de bevindingen, zonder dat het OM mij hiervoor strafrechtelijk kan vervolgen.

Gepubliceerd door
Paul van Buitenen
Onderzoeker Vuurwerkramp Enschede.
11  Enschede 13 mei 2000 / Rapporteur Vuurwerkramp PvB / 35. Gemeenteraad Enschede misleid Gepost op: 8 November 2019, 12:24:25
35. Gemeenteraad Enschede misleid

Vandaag, 27.5.2019, schreef ik een lange en zeer confronterende brief aan de burgemeester van Enschede, Onno van Veldhuizen. Daarin worden een aantal misdragingen van de gemeente Enschede beschreven. Doordat de Nederlandse overheid steeds wegloopt van de bevindingen bij de Vuurwerkramp moet ik helaas deze weg op. Van Veldhuizen probeert weg te duiken, maar ik blijf vasthouden. Hieronder een paar samengevatte punten uit de brief. Wie de hele brief wil lezen kan hier klikken.

Gemeente Enschede handelde laakbaar

24.11.1993: De gemeente Enschede constateert dat S.E. Fireworks BV, toen nog onder leiding van Smallenbroek, al een tijd werkt met zwaar vuurwerk, gevestigd in een woonwijk zonder geldige milieuvergunning.

01.01.1996: S.E. Fireworks heeft gedurende acht maanden in 1996 ook nog eens niet de beschikking over een geldige afleverings- en bezigingsvergunning van het ministerie van Verkeer & Waterstaat.

22.01.1997: Een omwonende maakt bezwaar omdat een vuurwerkbedrijf niet in een woonwijk thuishoort en vraagt om S.E. Fireworks te verhuizen naar een buitengebied. De gemeente merkt op dat het bedrijf niet in een woonwijk, maar op een industrieterrein ligt. De Hoge Raad spreekt later wél van een vuurwerkbedrijf gelegen in een woonwijk.

22.04.1997: Verlening van een milieuvergunning door de gemeente aan het bedrijf S.E. Fireworks. Voor deze vergunning is geen advies gevraagd aan de brandweer en er wordt geen aandacht geschonken aan de noodzakelijke brandweerzorg. Ook de gebruiksvergunning ontbreekt, waardoor er weer geen brandweeradvies is ingewonnen.

05.06.1997: De gemeente Enschede heeft vooraf aan het besluit tot vestiging van een voorkeursrecht van aankoop op het terrein van S.E. Fireworks spoorslags de jarenlange illegale en gedoogde situatie rechtgetrokken. Ondanks de verplichting tot gemeentelijke registratie van alle op de grond betrekking hebbende handelingen, komt deze registratie niet meer boven water.

27.04.1998: Overname van het bedrijf S.E. Fireworks van oud-eigenaar Smallenbroek door twee van zijn werknemers: Rudi Bakker en Willy Pater. Hoving notarissen had het voorkeursrecht voor de gemeente vastgelegd op de grond waarop S.E. Fireworks was gevestigd (1997), maar dit verzwegen bij de bedrijfsoverdracht van Smallenbroek naar Bakker/Pater (1998).

14.07.1999: De gemeente Enschede traineert de toekenning aan S.E. Fireworks van een terrein buiten het woongebied. Het bedrijf heeft veel grondoppervlak nodig heeft in relatie tot het aantal werknemers en de beschikbare terreinen zouden al zijn vergeven aan andere kandidaten. Voor de gemeente is het economie boven veiligheid. Het betreffende terrein ligt overigens anno 2017 nog steeds braak.

19.07.1999: Verlening van een herziene milieuvergunning door de gemeente Enschede aan S.E. Fireworks v.o.f. De zwaarste klasse vuurwerk (klasse 1.1) is door de gemeente uit de vergunning verwijderd buiten medeweten van de eigenaren van S.E. Fireworks. Burgemeester Mans maakt hiervan later in de gemeenteraad handig gebruik.

1999-2000: Oud-eigenaar Smallenbroek probeert S.E. Fireworks klanten af te pakken, leningen te saboteren, een leveranciersblokkade te bewerken, bedrijfswagens te ontvreemden, het boekhoudprogramma te blokkeren en hij probeert tienduizenden guldens te ontvreemden. De tegen Smallenbroek aangespannen gerechtelijke procedure zou aanvangen kort nadat de ramp plaatsvond. Dit dossier is door politie en OM weggehouden bij de latere strafzaak.

1999-2000: Geheime onderhandelingen tussen oud-eigenaar Smallenbroek en de gemeente Enschede, over aankoop van de grond door de gemeente, verlopen nadelig voor Smallenbroek. Het feit dat zijn terrein belast is met de huur door Fireworks levert hem 285.000 gulden minder op. Dit wordt hem door gemeente meegedeeld, vlak voor de ramp.

13.05.2000: Een aanvankelijk beheersbare brand mondt uit in zware explosies en een oppervlaktebrand met verschijnselen van een 'Vuurstorm'. Door verkeerde aansturing van de brandweer zijn er meer slachtoffers gevallen en is de schade verdubbeld. Vier brandweerlieden verliezen daardoor het leven. De overheid heeft de fouten van de brandweerleiding verborgen en verklaringen misbruikt. Burgemeester Jan Mans had zijn lot verbonden aan de brandweerleiding. Stefan Wevers, toenmalig waarnemend commandant brandweer Enschede, adviseert nu minister Grapperhaus over de blusvoorschriften bij vuurwerk.

30.05.2000: Er worden veel documenten van de gemeente Enschede weggehouden uit het strafproces: 1. Dossier brandweer, 2. Dossier grondbedrijf, 3. Dossier opslag vuurwerk 1968-1992 en 4. Dossier opslag vuurwerk vanaf 1992. Daarnaast ontbreken de Culemborg dossiers en het dossier betreffende de destructieve gedragingen van Smallenbroek.

17.01.2001: Het Openbaar Ministerie maakt intern bekend dat de gemeente Enschede en de Nederlandse staat buiten strafrechtelijke vervolging zullen blijven. Deze beslissing wordt nog niet openbaar. Er moet nog een gewenste brandstichter worden opgepakt en de strafklacht tegen S.E. Fireworks dient nog te worden verzwaard.

28.02.2001: De commissie Oosting en het Openbaar Ministerie verdraaien de lessen uit Culemborg om het bedrijf S.E. Fireworks strafrechtelijk te kunnen vervolgen. Ook de reconstructie van de voorraad vuurwerk is gemanipuleerd door het selectief gebruik van getuigenverklaringen, negeren van de administratie en de externe accountant, het om de zeep helpen van rechtshulpverzoeken en een verkeerde interpretatie van facturen en deskundigenverhoren. Ook de controleberekeningen zijn gestuurd.

19.03.2001: Burgemeester Mans beroept zich tijdens het verantwoordingsdebat in de gemeenteraad op het ontbreken van de gevarenklasse 1.1 in de milieuvergunning van S.E. Fireworks. Jan Mans claimt dat dit op verzoek van S.E. Fireworks is gebeurd, hetgeen onmogelijk is. Burgemeester Mans had hierom naar huis gestuurd moeten worden. Ook betreffende de aansturing van de brandweer had burgemeester Mans af moeten treden.

18.04.2001: Het OM maakt publiekelijk bekend dat gemeente en Nederlandse staat niet zullen worden vervolgd. De strafdossiers tegen de gewenste brandstichter en tegen S.E. Fireworks zijn dan wél gereed voor een zware strafeis.

10.11.2004: Een voormalig brandweerofficier geeft een presentatie aan de gemeenteraad van Enschede. Hij wijst de raad erop dat de brandweer de op de bewaarplaatsen aangebrachte gevarenaanduidingen heeft genegeerd en zij daardoor geblust hebben i.p.v. de noodzakelijke veiligheidsafstanden te bewaren. De daaruit volgende vragen van de gemeenteraad worden door burgemeester Jan Mans doorgeleid naar minister Remkes van BZK.

24.03.2005: Minister Remkes misleidt de gemeenteraad via Jan Mans over de aangebrachte gevarenborden, waardoor de brandweer volgens Remkes gewoon mocht blussen. Remkes verwijst daarbij naar de resultaten van geconditioneerde vuurwerkproeven die juist waren opgezet om aan te tonen dat vuurwerk gewoon geblust kon worden. Remkes waarschuwt de gemeenteraad om niet meer met dergelijke vragen te komen. De gemeenteraad slikt de nieuwe uitleg van Remkes en Mans.

Samenvattend:

De gemeente Enschede heeft willens en wetens een illegale situatie gedoogd. Deze situatie is pas beëindigd toen de gemeente niet anders meer kon. De gemeente heeft op oneigenlijke gronden de verhuizing van het vuurwerkbedrijf naar een veiliger plaats tegengehouden. De gemeente heeft documenten zoekgemaakt betreffende het terrein van S.E. Fireworks.

Oud-eigenaar Smallenbroek heeft zich zo misdragen dat een motief tot het geven van opdracht tot brandstichting serieus onderzocht had moeten worden. Dit is niet gebeurd. Een onderzoek naar Smallenbroek had onoorbare gedragingen, waarbij de gemeente Enschede was betrokken, aan het licht gebracht.

De leiding van de brandweer heeft door een verkeerde aansturing ervoor gezorgd dat er meer slachtoffers vielen en de schade aanzienlijk is verergerd. Dit was in strijd met internationale regelgeving, beschikbare vakliteratuur en op de bewaarplaatsen reglementair aangebrachte waarschuwingen. Hierover is naderhand van overheidswege gelogen om deze fouten te verdoezelen.

Burgemeester Mans had af moeten treden indien de werkelijke feiten aan de gemeenteraad bekend waren geweest. Jan Mans verkondigde onzin aan de gemeenteraad, zowel over de brandweer als over de vergunning aan S.E. Fireworks.

Burgemeester Van Veldhuizen, U hoopt van deze misère weg te blijven door nieuwe aanwijzingen te negeren, u te verstoppen achter besluiten van organen die u zelf voorzit en de bal bij de landelijke politiek te leggen. Dit is een burgemeester van de stad Enschede onwaardig. U hoort de belangen van de stad en haar inwoners te verdedigen, voorop te lopen bij waarheidsvinding over de ramp en niet onwetendheid te fingeren en achteraan aan te sluiten bij alle instanties die hun hoofd wegdraaien, daarbij en passant de gemeenteraad misleidend.

Voor alle details en context, de hele brief bevindt zich hier klikken.

Gepubliceerd door

Paul van Buitenen

Onderzoeker Vuurwerkramp Enschede.
12  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Re: Paul van Buitenen doet aangifte tegen overheid Gepost op: 28 Oktober 2019, 21:16:56
Oud-voorzitter slachtoffers vuurwerkramp sceptisch over aangifte

maandag 28 oktober 2019, 11:15

Albert Vasse was jarenlang de spreekbuis van de slachtoffers van de Enschedese vuurwerkramp. Hij heeft zo z'n twijfels of de actie van klokkenluider Paul van Buitenen enige kans van slagen maakt. Vasse is duidelijk: wat hem betreft, is het boek van de vuurwerkramp gesloten.

Vasse kijkt met enige scepsis naar de actie van Van Buitenen, die - zoals RTV Oost vanochtend meldde - maandagmiddag aangifte doet tegen zowel de landelijke als de lokale overheid voor diens rol in deze tragedie, die destijds 23 menslevens eiste en en complete woonwijk van de kaart vaagde.

'Redelijk kansloos'

Albert Vasse was jarenlang voorzitter van de Belangenvereniging Slachtoffers Vuurwerkramp. Hij heeft gehoord van de aangifte van Van Buitenen, maar hij is duidelijk daarover. Hij denkt dat die aangifte 'redelijk kansloos is'. Bovendien vraagt hij zich af wat de toegevoegde waarde ervan zal zijn. "Voor zover ik weet, kun je de Rijksoverheid niet aansprakelijk stellen."

Rol belangenvereniging

Terugkijkend op de ramp en het werk van de belangenvereniging, zegt Vasse tevreden te zijn. "Mede door de inzet van de vereniging zijn de mensen, die door de ramp getroffen zijn, goed gecompenseerd. Daar hebben we als belangenvereniging een groot aandeel in gehad."

Vasse is tot op de dag van vandaag van mening dat de ramp niet had hoeven gebeuren als óf de overheid zijn werk goed had gedaan door de juiste controles te houden bij de opslag van vuurwerk, óf de ontplofte vuurwerkopslag SE Fireworks de bedrijfsvoering op orde had gehad. "Óf de gemeente z'n huiswerk voor de afgifte van vergunningen goed had gemaakt. Maar dat is geen nieuw standpunt."

Vasse woont intussen al vier jaar niet meer in Enschede en zegt ook steeds minder contact te hebben met mensen, die met de ramp te maken hebben gehad. "Ik heb nog maar met een aantal mensen contact, dat de ramp om welke redenen maar niet kan loslaten. Onder wie een vrouw, die nog steeds schrikt van iedere harde knal die ze hoort."

Eerdere procedure

Vasse refereert nog expliciet aan de zogenoemde artikel 12-procedure, die Van Buitenen eventueel wil aanspannen. Via zo'n procedure kan het gerechtshof aan justitie opdracht geven alsnog onderzoek in te stellen. Ook de belangenvereniging van de slachtoffers heeft destijds voor het Hof in Arnhem zo'n procedure gevoerd. Met als doel de gemeentelijke overheid aansprakelijk te kunnen stellen. "Die procedure hebben we toen verloren."

Zelf heeft hij het boek van de vuurwerkramp intussen gesloten, maar hij zegt dat hij het nog altijd jammer te vinden dat het tot op de dag van vandaag onduidelijk is hoe destijds dat allereerste vlammetje is ontstaan. "Dat had namelijk voor heel veel mensen helderheid gegeven."

Bron RTV-Oost: https://m.rtvoost.nl/nieuws/320446/Oud-voorzitter-slachtoffers-vuurwerkramp-sceptisch-over-aangifte



13  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Re: Paul van Buitenen doet aangifte tegen overheid Gepost op: 28 Oktober 2019, 20:42:25
Klokkenluider doet aangifte tegen de staat om vuurwerkramp

ENSCHEDE - ‘Klokkenluider’ Paul van Buitenen doet maandagmiddag aangifte tegen de Nederlandse staat en de gemeente Enschede wegens ‘ondermijning van de rechtstaat’ bij de afhandeling van de vuurwerkramp. In zijn ogen is de overheid niet alleen schuldig aan de ramp zelf, maar daarna ook aan het verdoezelen van het eigen falen, waardoor de verkeerden zijn gestraft.

Lucien Baard  28-10-19, 06:02 Laatste update: 07:40

Buitenen doet de aangifte samen met de toenmalige directeur van het ontplofte vuurwerkbedrijf S.E. Fireworks Rudi Bakker, oud-rechercheur Jan Paalman en Mathilde van der Molen. Haar man kwam als brandweerman om het leven bij de ramp, die in totaal aan 23 mensen - waaronder vier brandweermannen - het leven kostte.

Verwijten

Van Buitenen verwijt de overheid en een groot aantal overheidsfunctionarissen onder andere dood door schuld, het plegen van meineed, valsheid in geschrifte, misleiding van de rechtbank en tal van andere ambtsmisdrijven. „Het is zo veelomvattend, dat ik het maar typeer als ondermijning van de rechtstaat”, aldus Van Buitenen.

In totaal noemt hij in de aangifte rond de honderd personen, die volgens hem een kwalijke rol hebben gespeeld voor, tijdens en na de ramp. Met name toenmalig minister Donner. Maar ook de burgemeester van Enschede, de brandweertop, politiemensen en medewerkers van de rijksrecherche, het Openbaar Ministerie en het College van Procureurs Generaal. Het gaat onder meer over foute blusinstructies, ondeugdelijke opslagregels en onjuiste classificatie van ontplofbare stoffen.

Onderzoek
 
Van Buitenen is een erkende klokkenluider over fraude binnen de Europese Commissie. Door zijn toedoen als Europees ambtenaar trad in 1999 de voltallige Europese Commissie af. De man uit Breda heeft nu de afgelopen vijf jaar onderzoek naar de ramp gedaan, nadat hij onder andere was benaderd door oud-rechercheur Paalman uit Rijssen. Die was betrokken bij het onderzoek naar de ramp, maar werd ontslagen wegens aanhoudende kritiek op de handelwijze van het zogenaamde Tolteam van de politie.

‘Deze aangifte is een breekijzer’
 
Onderzoeker Van Buitenen heeft zijn bevindingen over de vuurwerkramp vastgelegd in een – nog niet openbaar gemaakte – review van de ramp, waar deze krant over beschikt. Zijn conclusie komt erop neer dat van hoger hand van alles is gedaan om de schuld te leggen bij S.E. Fireworks, of een brandstichter, zodat de overheid buiten schot kon blijven. Eerder erkende Van Buitenen dat er geen concrete documenten bestaan, die dit ondersteunen. „Het zit meer in de opeenstapeling van onderzoekskeuzes en verdraaiingen van feiten. Ik geloof oprecht dat mijn bewering klopt.”

Sinds juni vorig jaar is hij bezig om met zijn review nieuw onderzoek – of een parlementaire enquête - af te dwingen naar de ramp. Hij heeft overal bot gevangen. De Onderzoeksraad voor Veiligheid wees een beoordeling van zijn review af. Het openbaar ministerie ziet geen reden om zijn rapport in behandeling te nemen. De afgelopen jaren zijn er meerder onderzoeken gedaan naar de ramp en eventueel gemaakte fouten. Telkens kwam justitie tot de conclusie dat het officiële onderzoek naar de ramp klopt.

‘Ik voel me gedwongen’
 
„Daarom doe ik nu aangifte. Ik voel me gedwongen. Als iedereen tegen me zegt: ga lekker op het dak zitten met je review, dan kan ik niet anders. De aangifte is geen laatste strohalm, het is een breekijzer. Hier moet gewoon serieus naar gekeken worden.” Van Buitenen heeft daarom ook Bakker, Paalman en Van der Molen bij zijn aangifte betrokken. „Als deze aangifte ook terzijde gelegd wordt, vragen we het Gerechtshof om het Openbaar Ministerie te dwingen om onderzoek te doen en te vervolgen. Ik kan dat zelf niet, omdat ik formeel geen belanghebbende ben. Zij wel.”

Na de ramp zijn alleen de directeuren van S.E. Fireworks veroordeeld tot een jaar cel wegens dood door schuld. De overheid die volgens het officiële onderzoek naar de ramp ook grote fouten heeft gemaakt – met name in de regelgeving, controle op vuurwerk en het verlenen van vergunningen - ging vrijuit. Het zogenaamde Pikmeer-arrest verhinderde vervolging. Ook een sjoemelende defensie-medewerker(s), belast met controle op vuurwerkopslagen zijn daarvoor niet vervolgd.

Ernstig
 
Het Pikmeer-arrest bepaalt dat de overheid niet vervolgd kan worden voor fouten in taken, die alleen zij – dus exclusief – uitvoert. Van Buitenen vindt dat in dit geval niet van toepassing: „Wat ik ben tegengekomen vind ik dermate ernstig dat de overheid zich niet meer achter dat Pikmeer-arrest kan verschuilen. Dat arrest is er met de haren bijgesleept om de overheid buiten schot te houden.” In de ogen van Van Buitenen is de regelgeving rond vuurwerk en de blusvoorschriften nog altijd gevaarlijk. „Daar is niets aan gedaan, omdat het anders wel duidelijk wordt dat er in het verleden grote fouten zijn gemaakt.”

Strafproces
 
Op basis van zijn review heeft de vroegere S.E. Fireworks directeur inmiddels recent de Veiligheidsregio Twente – als bevoegd gezag van de brandweer – aansprakelijk gesteld voor zijn schade. Eerder deed hij dat ook richting de gemeente Enschede. Bakker gaat ook op basis van het rapport een herziening vragen van zijn strafproces. Twee eerdere verzoeken zijn afgewezen. Ook daarin wees hij op de onjuiste regelgeving van de overheid en de foute blusinstructies van de brandweer. Het Hof wees die verzoeken af, omdat er geen nieuwe zwaarwegende feiten waren opgedoken.
 
Bron: Tubantia
14  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Paul van Buitenen doet aangifte tegen overheid Gepost op: 28 Oktober 2019, 20:39:47
Vuurwerkramp: onderzoeker Paul van Buitenen doet aangifte tegen overheid

Geschreven door
Jan Colijn Jan Colijn
maandag 28 oktober 2019, 07:00

Klokkenluider Paul van Buitenen wil het onderzoek naar de Enschedese vuurwerkramp nieuw leven inblazen. Vanmiddag reist hij af naar Enschede om aangifte te doen tegen de overheid: zowel de landelijke als de lokale autoriteiten. Daarbij doet hij onder meer aangifte tegen zeven ministers van diverse ministeries.

Die aangifte doet Van Buitenen samen met oud-rechercheur Jan Paalman, toenmalig SE Fireworks-directeur Rudi Bakker en Mathilde van der Molen, weduwe van een van de vier bij de ramp omgekomen brandweermannen.

Zij beschuldigen de overheid niet alleen van fouten die zijn gemaakt bij de opslag van het vuurwerk, maar ook van het onder de pet houden van de rol van de overheid bij de vuurwerkramp.

Het is een van de grootste rampen in de naoorlogse geschiedenis van ons land: de vuurwerkramp Enschede in mei 2000. De gevolgen van de allesvernietigende explosies van de vuurwerkopslag van SE Fireworks zijn catastrofaal. De trieste balans: 23 doden, onder wie vier brandweermannen, bijna duizend gewonden en de wijk Roombeek wordt grotendeels van de kaart geveegd.

Klokkenluider

Voormalig Europarlementariër Van Buitenen, die eind jaren negentig als klokkenluider een prominente rol speelde bij de val van de Europese Commissie, doet al zo'n vijf jaar onderzoek naar de toedracht rond de vuurwerkramp.

 Zijn bevindingen heeft hij vastgelegd in een uitvoerig rapport, waarna hij bij het college van procureurs-generaal (de landelijke leiding van het Openbaar Ministerie) en de Onderzoeksraad voor Veiligheid aandrong op nieuw onderzoek.

Over andere boeg

Omdat dat niets uithaalde, gooit hij het nu over een andere boeg. Vanmiddag doet Van Buitenen op het politiebureau in Enschede aangifte tegen de overheid. Hij vindt dat zowel de landelijke overheid als de autoriteiten in Enschede in de fout zijn gegaan. Onder meer als het gaat om het toezicht op de opslag van vuurwerk, maar ook zouden er fouten zijn gemaakt bij het blussen van de brandende vuurwerkcontainers.

Maar Van Buitenen vindt vooral dat de overheden vervolgens de eigen rol onder het tapijt hebben geveegd, vooral om zo te ontkomen aan torenhoge schadeclaims.

Eerder oordeelde de commissie Oosting, die de vuurwerkramp destijds onderzocht, ook al dat de overheid heeft geblunderd. Justitie wilde echter niet overgaan tot strafvervolging vanwege het zogenoemde Pikmeer-arrest, een uitspraak van de Hoge Raad waardoor ambtenaren niet strafrechtelijk vervolgd kunnen worden.

Pikmeer-arrest omzeilen
De aangifte van Van Buitenen is er dan ook op gericht dit Pikmeer-arrest te omzeilen. "De aangifte telt 41 pagina's en het is zeker geen gewone aangifte. Er zijn nieuwe en unieke documenten, waarvan ik overtuigd ben dat we daarmee de blokkade kunnen ontwijken die het Pikmeer-arrest opwerpt. Deze aangifte maakt een hele reële kans bij het Openbaar Ministerie: hiermee kan justitie overgaan tot strafvervolging.'

Van Buitenen zegt onder meer aangifte te gaan doen tegen diverse ministeries: onder meer Defensie, Justitie en Binnenlandse Zaken. Maar ook tegen de betrokken ministers. Niet alleen vanwege hun rol als eindverantwoordelijke over wat er op hun ministerie is gebeurd, maar ook vanwege hun directe persoonlijke betrokkenheid in de slepende affaire. "En dit is geen document dat zomaar aan de kant kan worden geschoven. Daarvoor is het té goed onderbouwd."

Rapport openbaar

Van Buitenen hoopt met de aangifte te bereiken dat justitie de zaak nu gaat onderzoeken. Gebeurt dat niet dan begint hij een zogenoemde artikel 12-procedure. Daarin kan het gerechtshof het OM opdracht kan geven alsnog onderzoek in te stellen.

Zo'n procedure kan echter alleen een direct betrokkene beginnen. Van Buitenen is dat niet. Vandaar dat hij in zijn actie optrekt samen met oud-rechercheur Paalman, Fireworks-directeur Bakker en brandweermanweduwe Mathilde van der Molen.

Rapport openbaar
Ook gaat Van Buitenen zijn 1404 pagina's tellende rapport openbaar maken.

Van Buitenen waarschuwde eerder dat zijn zogenoemde reviewrapport zeer belastende informatie bevat. Juist omdat er ook veel namen in voorkomen, heeft hij het tot op heden niet gepubliceerd. Maandag gaat hij het echter alsnog openbaar maken. Al gaat het om een geanonimiseerde versie. Niettemin verwacht hij dat de inhoud veel stof zal doen opwaaien. "Ik ga het online zetten."

Recht op de waarheid

Van Buitenen is vastbesloten het er niet bij te laten zitten. Hij wil blijven strijden tot de onderste steen boven komt. De voormalig Europarlementariër meent dat 'Enschede' recht heeft op de waarheid. "Straks is het 13 mei 2020 en dan is het twintig jaar geleden. Tegen die tijd moeten we in ieder geval iets hebben bereikt."


Uit een eerdere peiling door RTV Oost blijkt dat een overgrote meerderheid van de inwoners van Overijssel (ruim 65 procent) vindt dat het boek van de vuurwerkramp nog niet gesloten mag worden zolang het mysterie nog niet is opgelost.

Bron RTV-Oost: https://www.rtvoost.nl/nieuws/320348/Vuurwerkramp-onderzoeker-Paul-van-Buitenen-doet-aangifte-tegen-overheid
15  Enschede 13 mei 2000 / Actueel / Re: Enschede revisited Gepost op: 14 Juni 2019, 15:13:46
Ik zei hierboven eerder dat ik een hoekprofiel van een zeecontainer had gezien vlak na de laatste detonatie en dat er video beelden van zijn.

Heb gisteren een hoekprofiel van een soortgelijke container gezien, bij iemand in de tuin.
De container-deuren lopen tot aan het plafond en de zijkant. Er is geen hoekprofiel aan de voorkant.
Dus wat ik in de Merelstraat vlak  na de laatste detonatie observeerde was de achterkant van een zeecontainer.
Ik weet ook niet zeker of dat hoekprofiel wat ik met de ramp heb gezien van sef kwam,  op 12 mei 2000 lag het er in elk geval niet. Sorry word een beetje flauw.

De hoek en drie stukken hoekprofiel van een zeecontainer. is op dak van die rode auto en hun buren geknald en terug gestuiterd..

De containers bij sef stonden dacht ik niet met de achterkant naar de Putterstraat gericht.

Pagina's: [1] 2 3 ... 135
Powered by MySQL Powered by PHP Powered by SMF 1.1.4 | SMF © 2006-2007, Simple Machines LLC Valid XHTML 1.0! Valid CSS!