[EnschedeRamp] Forum
Welkom, Gast. Alsjeblieft inloggen of registreren.
19 November 2018, 06:20:16

Login met gebruikersnaam, wachtwoord en sessielengte
Zoek:     Geavanceerd zoeken
NB! Als u lid wilt worden stuur dan een verzoek naar:

EnschedeRamp@gmail.com
7107 aantal berichten in 575 topics door 19 geregistreerde leden
Nieuwste lid: Paul van Buitenen
* Startpagina Help Zoek Inloggen Registreren
+  [EnschedeRamp] Forum
|-+  Enschede 13 mei 2000
| |-+  Getuigenissen
| | |-+  Het verhaal van Rob Vorkink
« vorige volgende »
Pagina's: 1 [2] Omlaag Print
Auteur Topic: Het verhaal van Rob Vorkink  (gelezen 1043 keer)
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #15 Gepost op: 3 Juli 2018, 22:08:43 »

https://www.linkedin.com/pulse/intriges-en-intimidaties-rechercheurs-na-vuurwerkramp-rob-vorkink/?published=t

Intriges en intimidaties rechercheurs na vuurwerkramp, doofpotdossier 14
Gepubliceerd op 3 juli 2018
Rob Vorkink

Onderzoeksjournalist Follow the Money. Richt zich op onthullingen uit Oost-en Noord Nederland. Meld misstanden in uw gemeente op rob.vorkink@ftm.nl

Het politieteam dat in 2003 uiterst kritisch rapporteerde over het rechercheonderzoek in de vuurwerkramp, is geïntimideerd en bedreigd door de top van justitie. Dat stelt oud-teamleider Jan de Bruin die keihard in aanvaring kwam met z'n superieuren na z'n bevindingen dat strafbare feiten waren gepleegd door het Tolteam en de rechtelijke macht was misleid. 'Ik heb nooit begrepen welk spel er is gespeeld en waarom de rijksrecherche zo'n vijandige houding innam tegen ons.'

'Ik heb nooit begrepen welk spel tegen ons is gespeeld'

De uitlatingen van De Bruin die een zak geld meekreeg in ruil voor geheimhouding en emigreerde naar Zweden, zijn stuitend en vormen één van de bewijspijlers dat het onderzoek naar de vuurwerkramp één groot doofpotdossier is geworden. Het recentelijk vuurwerkramponderzoek van Paul van Buitenen bevestigt deze stelling.

Zoals eerder gemeld wordt het team van Jan de Bruin van Bureau Interne Zaken, kortweg geduid als BIZ, medio 2003 op gezag van Justitie-minister Piet Donner direct van het onderzoek gehaald dat wordt overgenomen door de rijksrecherche. De Bruin: 'Toen wij Korpschef Deelman en burgemeester Mans inichtten over de schokkende conclusies, konden wij direct inpakken en wegwezen. Ik kon het team direct ontbinden. Wij vonden dat een hele vreemde gang van zaken, want waarom ontbind je een team zonder de zaak fatsoenlijk over te dragen?' Volgens de Bruin moest zijn team zo ongeloofwaardig mogelijk worden gemaakt. 'De rijksrecherche koos een gemakkelijke weg om ons te beschadigen. Als je zo'n team in diskrediet weet te brengen, kun je direct de conclusies van dat team aan de kant vegen. Dat gebeurde. Ik werd zelfs niet gesteund door m'n korpschef Jaap van Deursen'.

Opdracht aan rijksrecherche: 'haal kritische conclusies Tolteam onderuit'

De opdracht aan het adres van de rijksrecherche in 2004 is om de conclusies van BIZ hard onderuit te halen. Dat is gelukt door niet de cruciale getuigen in het dossier te horen. Uit het rijksrechercheonderzoek zal dan ook blijken dat het Tolteam geen strafbare feiten heeft gepleegd en de rechtelijke macht niet heeft misleid. De Bruin klinkt dat ongeloofwaardig en wil het rijksrechercherapport inzien. Justitie weigert dat pertinent. De Bruin: 'Ik kreeg een gesprek met hoofdofficier Henk van der Meijden. Ik zat tegenover hem in z'n kamer in Den Bosch. Hij had het RR-onderzoek voor zich liggen, maar ik mocht er niet inkijken.' Naar aanleiding van het rijksrechercheonderzoek had de Bruin met zijn team nog een aanvullende rapportage gemaakt van de bevindingen van zijn BIZ-team onder meer over het gesjoemel met de rode sportbroek vol vuurwerksporen dd. 25 augustus 2004. Hoofdofficier Van der Meijden reageerde not amused. 'Je gaat toch geen problemen maken, he?', beet Van der Meijen de Bruin toe. De Bruin was met stomheid geslagen en reageerde: 'Ik ga helemaal geen problemen maken, ik doe aan waarheidsvinding.'

Justitie bang voor onthulling gerotzooi bewijsmateriaal sportbroekje De Vries

De leiding van justitie verwacht problemen als blijkt dat aantoonbaar is gerotzooid met belangrijk bewijsmateriaal tegen de dan al vrijgesproken brandstichter Andre de Vries. De Bruin: 'Ons was al opgevallen hoe merkwaardig deze vermeende brandstichter door justitie bij de politie was binnengebracht als mogelijke verdachte. Heel gek.'

De Bruin snapt nog steeds niet wie allemaal betrokken is geweest bij deze doofpotconstructie. 'Ik heb nooit begrepen waarom de rijksrecherche ons zo vijandig behandelde. Wij werden geïntimideerd en bedreigd door de top van justitie. Echt schaamteloos.' Teamleider de Bruin is al z'n vertrouwen in de rechtstaat verloren. In zijn ogen zijn mensen zoals hij die bewust en integer op zoek zijn geweest naar de waarheid ambtelijk bij het oud vuil gezet.

Justitie en politie blijven tot op de dag van vandaag volhouden dat het Tolteam geen strafbare feiten heeft gepleegd en de rechtelijke macht niet is misleid. Paul van Buitenen bevestigt met z'n onderzoek van vijf jaar dat dit wel is gebeurd. De Tweede Kamer wil op basis van dit rapport een hoorzitting, maar justitie-minister Grapperhaus wil nog niet reageren op dit rapport.

Dat het Tolteam aan de tunnelvisie leed en alleen oog had voor brandstichter Andre de Vries blijkt uit het volgende..

Bewijzen voor tunnelvisie Tolteam stapelen zich op

Tijdens de hoger beroepszaak in 2003 meldt Henk Tinnemeier uit Glanerbrug zich op verzoek van Paalman en de Roy van Zuijdewijn, die dan al weg zijn bij het Tolteam, bij de rechercheleiding. Hij is zwager van één van de omgekomen brandweerlieden en hoort van z'n overbuurvrouw dat haar buurman, SE Fireworks-medewerker Andre Jong haar ná de ramp heeft verteld dat hij voor de eerste brand samen met Willy Pater, Marion Schippers en klusjesman Kloppenborg op het bedrijf aan het werk zijn geweest. Tolteamleider Hans Kamperman belooft er tijdens de rechtszitting op terug te zullen komen, maar dat gebeurt niet. Tinnemeier, inmiddels overleden, hoort niets meer.

Enkele jaren daarvoor is Annie Prins Stuut uit Hardenberg door het Tolteam gehoord, Zij was die zaterdagmiddag 13 mei in de Tollensstraat om een vriendin op te halen voor een bezoek aan het expo-centre in Borne. Zij ziet rond 15.00 uur vuurpijlen gecontroleerd de lucht in gaan. Vervolgens ziet zij een man in paniek op haar afkomen. Het is precies de andere richting van de paniekerige man in een rode sportbroek. Annie hoort de man roepen dat zij weg moet gaan, want: 'er is sprake van ontploffing in vuurwerk'. Een behoorlijke aanwijzing voor wetenschap. Annie wordt één keer gehoord door het Tolteam, daarna nooit meer.

Tot slot spreekt oud-rechercheur Jan Paalman op 5 juli 2015 Leroy Geerdink uit Enschede. Hij verklaarde om 15.00 uur bij SE Fireworks de roldeur open gaan en een man wegvluchten in de richting van de Roomweg, nog voor de eerste brand. Een half jaar na de ramp, krijgt hij bezoek van twee Tolteam-rechercheurs. Zijn vriend Glenn Schubert bevestigt dit bezoek. De rechercheurs vragen wat Geerdink gezien heeft, en vertelt hen de man onder de roldeur.

Van deze verklaring en die van Tinnemeier is geen proces verbaal opgemaakt en niet meer terug te vinden in het Tolteam-dossier.

In 2010 gelast het OM nieuw onderzoek naar de vuurwerkramp na een serie uitzendingen van TV Oost met een verklaring van een kroongetuige. TV Oost ontdekt dat hoofdofficier Henk van der Meijden is aangewezen om dat onderzoek te leiden. Dat is vreemd, want in 2004 gaf hij leiding aan het rijksrechercheteam dat de handelswijze van het Tolteam onderzocht, en concludeerde dat er niets was fout gegaan. Hierdoor werd het onderzoek op gezag van het College van Procureurs Generaal overgedragen aan zijn kompaan, Fred Westerbeeke. Onder zijn leiding werden opnieuw cruciale getuigen niet gehoord, en werd de ramp dus opnieuw niet opgelost. Fred Westerbeeke is nu de man die het onderzoek naar de vliegramp met de MH 17 onderzoekt.

Binnenkort meer onthullende informatie uit dit immense dossier.
Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #16 Gepost op: 4 Juli 2018, 21:31:59 »

https://www.linkedin.com/pulse/grote-vraagtekens-bij-rol-nfi-vuurwerkramp-15-rob-vorkink/?published=t

Grote vraagtekens bij rol NFI in vuurwerkramp, doofpotdossier 15

    Gepubliceerd op 4 juli 2018


Rob Vorkink

Onderzoeksjournalist Follow the Money. Richt zich op onthullingen uit Oost-en Noord Nederland. Meld misstanden in uw gemeente op rob.vorkink@ftm.nl

Het grootste naoorlogse rechercheonderzoek naar de vuurwerkramp in Enschede in 2000, is ook het grootste doofpotdossier in Nederland aller tijden. In 14 artikelen heb ik uitééngezet wat er allemaal bewust en onbewust fout is gegaan. Niet voor niets is de expertgroep Klokkenluiders al ruim vijf jaar bezig geweest met een review-onderzoek onder leiding van Paul van Buitenen dat twee weken geleden is overhandigd aan de Tweede Kamer. Het parlement reageerde geschokt en wil een hoorzitting organiseren. Publicatie van allerlei onbekende details in dit dossier via de website van online-platform voor onderzoeksjournalistiek Follow the Money is dichtbij. We blijven spitten en onderzoeken en ontdekten ook de vreemde opstelling van het Nederlands Forensisch Instituut: NFI, in dit doofpot dossier. Hieronder de resultaten.

Het NFI doet de volgende opmerkelijke bevindingen over de kleding die op 19 juni 2000 van hoofdverdachte Andre de Vries, in beslag is genomen..

1) In alle kleding van Andre de Vries zitten sporen van verbrand en onverbrand vuurwerk. Dus in het T-shirt, in het rode sportbroekje, in de sokken en op de sportschoenen. Dit is vijf weken na de vuurwerkramp. In het sportbroekje zitten de meeste sporen, met name op de achterkant.

2) In de auto van Andre de Vries die hij op 19 juni 2000 in brand probeert te steken, worden geen vuurwerksporen aangetroffen.

3) Bij Andre de Vries thuis worden geen vuurwerksporen aangetroffen. Dit geldt ook voor de andere kleding van De Vries.

Als het scenario dat het NFI ons wil doen geloven voor waarheid aannemen, dan moet het volgende zijn gebeurd...

1) Andre de Vries sticht op 13 mei 200 brand bij SE Fireworks en blijft daarna voldoende lang in de buurt van de brandhaard totdat er vuurwerk gaat ontploffen. Dit is om die vuurwerksporen op z'n kleding te krijgen, zonder daarbij verwondingen op te lopen.

2) Andre de Vries gaat daarna naar huis, echter zonder gebruik te maken van z'n auto, want anders komen er vuurwerksporen in. Hij kleedt zich buitenshuis volledig uit en bergt de kleding op in een plastic zak. Dit om te voorkomen dat er sporen in huis komen en om te voorkomen dat de sporen uit de kleding verdwijnen.

3) Hij spuit zich vervolgens buiten af en droogt zich af, want naar binnengaan levert vuurwerksporen in z'n huis op. Hij gaat dan schoongespoten naar binnen, doet de gebruikte handdoek in de was en trekt schone kleren aan. Dit alles om te voorkomen dat er sporen in huis of later in de auto komen van z'n lijf of z'n kleren.

4) Vijf weken later na de ramp besluit hij z'n auto in brand te steken. Hij neemt zijn kleeren van 13 mei mee in de zak waarin zij al die tijd hebben gelegen, maar hij doet de kleding nog niet aan, want dan komen er vuurwerksporen in z'n auto.

5) Hij stapt uit de auto en doet de kleren van 13 mei aan, en blijft buiten de auto. Dat zijn de sokken, de sportschoenen, het rode sportbroekje met de urine die er op 13 mei al in zat en het T-shirt. Daarna steekt hij z'n auto een beetje in de fik, want de poging mislukt en rent hij vervolgens weg.

Alleen met dit scenario kan het NFI deze onderzoeksresultaten krijgen. De enige andere mogelijkheden zijn dat de vuurwerksporen bij het vervoer in de combi van 19 juni in de kleding van De Vries zin gekomen of dat het Tolteam of het NFI deze vuurwerksporen in de kleding van Andre de Vries heeft aangebracht.

Bovenstaande maakt hoe dan ook duidelijk dat de bewijslast tegen de vermeende brandstichter Andre de Vries simpelweg niet KAN kloppen. Erger nog is het feit dat diegene die namens het Openbaar Ministerie hiervoor in eerste instantie verantwoordelijk is, de toenmalige officier van justitie in Almelo is. Zijn naam is Herman Stam. Tegenwoordig is hij rechter in dit arrondissement. Ik heb niks tegen de persoon Herman Stam, maar van onbesproken gedrag is hij dus zeker niet. Binnenkort meer over de handelingen van rechter Herman Stam als officier van justitie in het vuurwerkramp dossier.


Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #17 Gepost op: 4 Juli 2018, 22:08:54 »

https://twitter.com/Minkmaat/status/1014599114431057921







http://www.enschederamp.nl/forum/index.php?topic=447.msg3971#msg3971

Citaat



Citaat
Demo schreef:Het rapport van het Nfi over het "rode broekje" miste een wetenschappelijke c.q. Professionele interpretatie t.à.v. De afstand tot een explosie. Voor de deeltjes geldt een bovengrens van 60 meter. Deze afstand is afhankelijk van de reactiesnelheid in het bronmateriaal, de 60 meter grens is voor een high explosive, voor vuurwerk is deze aanzienlijk kleiner.
Als ook waarde wordt toegekend aan de twee brandgaatjes en als de hechting, versmelting met de vezels van het broekje wordt beschouwd, is de afstand maximaal 20 meter.

Uiteindelijk bleek, het werk van Hans Kamperman, dat het NFI de kleding van de brandweerman die op 30 meter afstand is teruggevonden heeft onderzocht en niet de brandweerman op 100 meter. Beide hadden het secundaire label brandweerman Thole.

Er is nu overeenstemming dat de afstand kleiner of gelijk 30 meter is met een rechtstreekse zichtlijn tot de explosie.
Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #18 Gepost op: 6 Juli 2018, 05:22:21 »

https://www.linkedin.com/pulse/almelose-rechter-speelde-vals-vuurwerkramp-16-rob-vorkink/?published=t

Almelose rechter speelde vals in vuurwerkramp, doofpotdossier 16

 
Rob Vorkink

Onderzoeksjournalist Follow the Money. Richt zich op onthullingen uit Oost-en Noord Nederland. Meld misstanden in uw gemeente op rob.vorkink@ftm.nl

Herman Stam is senior-rechter bij de rechtbank Overijssel, vestiging Almelo. Ik ken hem als een bedachtzame ervaren rechtspreker in diverse zware dossiers. Hij heeft een welwillend oor en laat zich niet snel van z'n stuk brengen. In die hoedanigheid is hij al geruime tijd actief. Hij studeerde in Leiden, werd meester in de rechter en bekwaamde zich als specialist in belastingrecht. Vanaf 2008 is hij er rechter en sinds 2014 senior rechter. Diezelfde Herman Stam heeft een dubieus verleden als officier van justitie bij diezelfde rechtbank in Almelo. Vanaf 1999 was hij in die rol actief voor het Openbaar Ministerie in Almelo en leidde als onervaren officier van justitie het immense strafdossier in de vuurwerkramp. Hij maakte er op z'n zachts gezegd een potje van en werd daarom in 2002 verbannen naar de Nederlandse Antillen.

Kwalijke rol Herman Stam als officier van justitie in vuurwerkramp

Wat kan Herman als officier van justitie verweten worden? Nou veel, heel veel. Als officier van justitie hield hij geruime tijd ontlastend bewijs tegen de vermeende en later vrijgesproken brandstichter Andre de Vries achter voor z'n huidige collega: senior rechter Bert Stoove. Stoove deed het proces tegen de vermeende brandstichter en veroordeelde hem op basis van door officier van justitie Herman Stam aangedragen 'bewijs' tegen de Vries, tot 15 jaar gevangenisstraf voor brandstichting bij SE Fireworks, de vuurwerkopslagplaats waar de vuurwerkramp zich voltrok.

Als de dissidente, kritische en later ontslagen Tolteam-rechercheurs Paalman en de Roy van Zuijdewijn niet zo hadden gehamerd op de onschuld van De Vries, dan was de inmiddels overleden Enschedeër gebrandmerkt gebleven als de brandstichter van de vuurwerkramp.

Stam zette als oud-officier van justitie z'n huidige collega-rechters op verkeerde been

Herman Stam leverde als officier van justitie het volgende bewijs tegen de Vries aan bij z'n huidige collega's. Allereerst het rode sportbroekje vol vuurwerksporen uit het rampgebied, waarvan ik eerder heb uitgelegd dat hiermee gesjoemeld is, maar waarover de verantwoordelijke rechercheur en Tolteam-leiding geen opheldering hebben verschaft. Toenmalig korpschef Piet Deelman in Twente erkent in 2011 tegenover de ontslagen Tolteam-rechercheur Jan Paalman dat de gang van zaken met het rode sportbroekje, toch het belangrijkste bewijs tegen de Vries, niet goed is gegaan.

Daarnaast bleek al in april 2001 dat de mobiele telefoon op zaterdag 13 mei 2000 niet meer in het bezit was van De Vries. Herman Stam liet deze ontlastende informatie over de Vries achterwege.

Ook gaf hij als officier van justitie opdracht om afgetapte telefoongesprekken van onder meer André de Vries uit 2000 te wissen, terwijl dat wettelijk niet mocht.

Ook gebruikte Herman Stam als officier van justitie een verklaring van gedetineerde Bruinewoud die beweerde dat De Vries tegen hem had gezegd in de millenniumnacht dat hij een bom had ontwikkeld die zou afgaan bij Fireworks. Rechercheonderzoek wees uit dat De Vries in de millenniumnacht helemaal niet in Enschede was, maar in Almelo bij z'n broer Bert. En dat hij die nacht bij meerdere buurtbewoners een nieuwjaarsborrel had gedronken.

Tot slot gebruikt Stam de informatie van een politie-infiltrant die bij de Vries een bekentenis zou hebben ontlokt in de gevangenis in Maastricht. Uit recherche-vervolgonderzoek blijkt dat de infiltrant selectief geshopt heeft in de verklaringen van De Vries. Paalman en de Roy hadden gevraagd om de infiltrant een zendertje mee te geven zodat exact zou kunnen worden geregistreerd wat De Vries zou verklaren in de cel. Officier van justitie Herman Stam wilde dit om onbegrijpelijke redenen niet.

Andre de Vries uiteindelijk vrijgesproken, team zoekt niet verder

Uiteindelijk werd in eerste instantie door toedoen van Herman Stam als officier van justitie van de rechtbank in Almelo Andre de Vries veroordeeld tot een lange celstraf. In hoger beroep werd de Enschedeër vrijgesproken. Toen Paalman en de Roy van Zuijdewijn na de vrijspraak van De Vries de Tolteam-leiding vroeg om de zaak weer op te pakken, werd dat geweigerd. De toenmalige Tolteam-leiding bleef De Vries zien als betrokkenen. Paalman: 'De leiding zei tegen mij dat hij weliswaar was vrijgesproken, maar zei niet dat De Vries er iets mee te maken had. Ik heb toen gezegd: 'Dat doet een rechter nooit'

Oud-Tolteamleider geeft Andre de Vries na z'n dood nog een trap na in een interview met collega Bert Janssen van de Twentsche courant Tubantia. Kamperman zegt in dat gesprek dat De Vries een geheim heeft meegenomen in z'n graf. Namelijk dat hij wel degelijk betrokken zou zijn geweest bij de ramp.

De voormalige Tolteam-leiding: Ed Reinshagen, Rik de Boer en Hans Kamperman houden dat ook vol in een gesprek in april 2010 met de weduwes en familieleden van de omgekomen brandweerlieden. Het was de vrouwen en aanhang verboden om opnames van het gesprek te maken, maar dat is wel gebeurd. In de opname is duidelijk te horen dat de drie Tolteam-leiders van weleer er nog steeds van overtuigd zijn dat De Vries met de ramp te maken heeft gehad.

Met de kennis dat het OM een potje heeft gemaakt van hun rol in de vuurwerkramp is het onbegrijpelijk dat Herman Stam ooit rechter is geworden in Almelo. Iemand die het namelijk zelf niet zo nauw neemt met de waarheidsvinding, moet nu als rechter zien recht te spreken als waarheidsvinder.

Mooie nieuwe banen voor Stam, Deelman en Mans

Herman Stam is senior rechter bij de rechtbank Overijssel, vestiging Almelo. Ondanks zijn falende optreden bij de vuurwerkramp, kreeg hij een mooie baan weer. Dat geldt ook voor de stuntelende voormalige korpschef Piet Deelman van de politie Twente en ex-burgemeester Jan Mans van Enschede. Mans mocht zelfs al waarnemer aan de slag in Moerdijk waar zich een ramp had afgespeeld in het Botlek-gebied. Mans weet hoe je een deksel op de pot stopt. Binnenkort zoom ik in op hun rol in de vuurwerkramp.

De kritische rechercheurs Paalman en de Roy van Zuijdewijn oprecht op zoek naar de waarheid kregen in 2005 strafontslag. Burgemeester Mans en korpschef Deelman hadden dat geregeld. Officier van justitie Herman Stam was toen al verbannen naar de Nederlandse Antillen.





Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #19 Gepost op: 7 Juli 2018, 13:38:18 »

https://www.linkedin.com/pulse/ook-het-vuurwerkrampdossier-zit-een-rolletje-van-deel-rob-vorkink/?published=t

Ook in het vuurwerkrampdossier zit een rolletje van Sebreniica, deel 17

    Gepubliceerd op 6 juli 2018


Rob Vorkink


Onderzoeksjournalist Follow the Money. Richt zich op onthullingen uit Oost-en Noord Nederland. Meld misstanden in uw gemeente op rob.vorkink@ftm.nl

Het omstreden rechercheonderzoek naar de vuurwerkramp kent ook 'een fotorolletje van Sebrenica'. Een geluidsopname van klusjesman Kloppenborg van zaterdag 28 april 2001. Toen in juli 1995 een legerofficier van Dutchbat een fotorolletje overdroeg aan de inlichtingendienst in Nederland met daarop bewijs van slachting van moslim-mannen in de Bosnische enclave Sebrenica, bleek na ontwikkeling dat het fotorolletje was mislukt.

De Nederlandse samenleving hoorde de Defensie-verklaring vol ongeloof en verbazing aan. 'Dit kan toch niet waar zijn? Dit is toch geen toeval', was de alomvattende opinie. Het mislukte fotorolletje met genocide-beelden staat niet op zich. Ook in het vuurwerkramp zit zo'n voorbeeld. En ja, inmiddels is wel duidelijk dat dit vuurwerkramp-onderzoek één groot foutenfestival was vol blunders, dan kan zo'n voorbeeld niet ontbreken. Dat doet het dan ook niet.

Wat is er gebeurd in het vuurwerkramp dossier waarbij de vergelijking met het mislukte fotorolletje van Sebrenica gerechtvaardigd is?

Het is zaterdag 28 april 2001. Hoewel de zon schijnt gaat het kwik maximaal naar 14 graden. Op het hoofdbureau van politie Twente in Enschede staan de zweetdruppels op het gezicht van Henny Kloppenborg, de klusjesman van SE Fireworks. De vuurwerkopslagplaats die een klein jaar eerder compleet is weggevaagd na twee extreme explosies.

Rechercheurs Paalman en de Roy van Zuijdewijn confronteren Kloppenborg met de foto's die freelance fotograaf Reinier van Willigen heeft gemaakt op het terrein van SE Fireworks van het brandweeroptreden op zaterdag 13 mei. Hij handelt in opdracht van Dagblad Tubantia. Op de serie foto's zijn duidelijk klusjesman Kloppenborg, mededirecteur Willy Pater en de later omgekomen brandweerman Hans van der Molen te zien. Kloppenborg wijst van der Molen nog op een brandje op het dak van de showroom. Kloppenborg heeft ook iets in z'n handen. Het zijn de laatste foto's vanaf het terrein. Kort nadat Van Willigen brandweerman Van der Molen heeft gefotografeerd waarbij op de achtergrond een vuurtong is te zien, vlucht de fotograaf de bedrijfswoning van Fireworks in. Dat is tussen de eerste en tweede klap.

Van het tonen van die foto's krijgt klusjesman Kloppenborg het die zaterdag 28 april 2001 Spaans benauwd. Hij komt niet meer uit z'n antwoorden, maar is aan het einde van het verhoor tot op het bot opgefokt, aldus de rechercheurs Paalman en de Roy van Zuijdewijn.

Hennie Kloppenborg fietst terug naar z'n woning in de Van der Veenlaan. Wat de klusjesman niet weet is dat in het geheim eerder camera's zijn geplaatst met zicht op de voor-en achterkant van z'n huis en dat binnen afluisterapparatuur is aangebracht door specialisten van de KLPD.

Op het moment dat Kloppenborg na verhoor het hoofdbureau verlaat, belt collega Hans Middelesch van Jan Paalman van het Tolteam met de KLPD om de afluisterapparatuur aan te zetten. Paalman: 'We waren ervan overtuigd dat hij tegen z'n vrouw de verbazing zou uitspreken hoe de recherche wist wat zijn rol op het terrein was geweest. '

De gedreven rechercheur Paalman kan eigenlijk niet wachten om te horen wat er op de geluidsband van zaterdag 28 april staat. Hij moet geduld hebben, want maandag is het Koninginnedag, dus pas dinsdag 1 mei hoort hij het resultaat. En dan gebeurt het onwaarschijnlijke. Paalman: 'Ik zat in de koffiekamer toen Tolteamleider Cees Mijwaart grijnzend naar me toekwam. Sorry Jan, maar het digitale schijfje heeft zaterdag NIET gewerkt. Er staat niets op. ' Paalman is stomverbaasd en belt zelf met de KLPD. Een collega aan de lijn zegt dat hij hem zo snel mogelijk zal terugbellen om te rapporteren. Jan Paalman wacht een half uur. Dan belt de KLPD-man terug en zegt: 'Ik weet niet wat je gedaan hebt Jan, maar ik moest bij m'n baas komen die mij meldde dat ik er mij niet mee moest bemoeien. Dit was een zaak van hogerhand.'

Paalman ziet later een proces verbaal van het afluistertraject van klusjesman Kloppenborg. Tolteamleider Kamperman doet verslag, maar begint het PV dat Kloppenborg vanaf zondag 29 april is afgeluisterd. Hij rept met geen woord over het afluistertraject van zaterdag 28 april 2001. Paalman ziet nog weer later een proces verbaal van de KLPD dat op zaterdag 28 april 2001 wel degelijk Kloppenborg is afgeluisterd. Rijst de vraag waarom deze geluidsopname niet teruggeluisterd mocht worden. Zegt Kloppenborg hier iets wat zijn betrokkenheid bij de ramp verraad? Het lijkt er sterk op.

Belastende informatie tegen Kloppenborg kon de Tolteamleiding niet gebruiken, want het zat inmiddels volledig op het spoor van de vermeende brandstichter Andre de Vries die in april 2001 al bijna 3 maanden vastzit op verdenking van brandstichting bij SE Fireworks.

Tolteamleider Cees Mijwaart neemt Kloppenborg in bescherming. Niet zo vreemd. Mijwaart is trainer van een voetbalelftal van Sparta Enschede waar Kloppenborg de masseur is. Mijwaart bewijst Kloppenborg nog een dienst, want uitgerekend hij als Tolteamleider gaat Kloppenborg horen. Mijwaart houdt zo de regie dat zijn vriend geen domme uitspraken gaat doen in z'n verhoren. Met andere woorden: Mijwaart gaat voorkomen dat Kloppenborg zichzelf belast. Tolteamleider Ed Reinshagen is er ongelukkig mee, maar vindt het goed. Het was een idee van officier van justitie Herman Stam, de huidige senior rechter in Almelo.

Dan een sprong in de tijd. Na de vrijspraak van Andre de Vries op 12 mei 2003, willen Paalman en de Roy van Zuijdewijn het onderzoek nieuw leven inblazen. Het Tolteam ziet er niets in.

Het gevolg is dat het Tolteam niets doet met een belangrijke tip van Henk Tinnemeier uit Glanerbrug. Zijn overbuurvrouw woont naast Andre de Jong van SE Fireworks. Van hem hoort zij dat De Jong tegen haar heeft verteld samen met z'n broer, mededirecteur Willy Pater, z'n partner Marion Schippers en de klusjesman (Henny Kloppenborg) voor de eerste brand op het terrein aanwezig waren. Het rechercheteam doet niets met deze belangrijke tip.

Het Tolteam doet ook niks met een tip van Annie Prins uit Hardenberg die op de rampdag een paniekerige man heeft zien wegrennen vanaf de Tollenstraat richting de Lasondersingel en tegen de vrouw zegt rond 15.00 uur: 'Wegwezen, hier is sprake van ontploffing in vuurwerk'.

Ook doet het rechercheteam niks met een aanvullende verklaring van de vrouw van Henk Zegelen die zaterdag 13 mei 2000 's avonds een feestje zou vieren met een tekstbordje: 'Henk 70' waar zaterdagmorgen nog aan moest worden toegevoegd: 'en tevens 25 jaar getrouwd'.

In 2015 hoort Jan Paalman ook een getuige die rond 15.00 uur onder de roldeur van SE Fireworks een man ziet wegvluchten. Twee rechercheurs van het Tolteam gaan een half jaar na de ramp bij hem op bezoek, maar het is niet eens duidelijk of hiervan proces verbaal is opgemaakt. In het officiële vuurwerkkrampdossier is hierover niets te vinden.
Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #20 Gepost op: 7 Juli 2018, 21:29:13 »

https://www.linkedin.com/pulse/wat-wodt-hier-verzweegn-de-vuurwerkramp-18-rob-vorkink/?published=t

'Wat wodt hier verzweeg'n, in de vuurwerkramp, doofpotdossier 18

    Gepubliceerd op 7 juli 2018

0

0

    0

Rob Vorkink
Rob Vorkink

Onderzoeksjournalist Follow the Money. Richt zich op onthullingen uit Oost-en Noord Nederland. Meld misstanden in uw gemeente op rob.vorkink@ftm.nl

Het is een grijze dag, maandag 22 mei 2000. In elk geval is het geen mooie lentedag en de zon schijnt nauwelijks. Het grauwe beeld past exact als decor voor de honderden geruïneerde woningen in de Enschedese wijk Roombeek. Het draconische gevolg van de vuurwerkramp, dan net ruim een week oud. Het gebied is hermetisch afgesloten met schuttingen en kilometers hekwerk. Enschedeër Frits Pril heeft er lang gewoond. Deze maandag staat hij het hekwerk aan de Lasondersingel pal tegenover het Talmapleintje.

Pril is woedend. Op de achterbank in z'n auto ligt z'n vriendin Grietje. De besnorde Pril gehuld in een trui en spijkerbroek ziet in z'n kielzog journalisten en cameramensen. Van TV Oost zijn Esther Rikken cameraman Frank Swenne getuige van een begrijpelijk tafereel. Pril vertaalt de woede en het verdriet van Enschede. Hij stapt in z'n auto, geeft vol gas, ramt een hekwerk en rijdt pardoes tegen een boom. Vervolgens zet hij de auto in z'n achteruit, stopt geeft opnieuw gas en vliegt in volle vaart het rampgebied in, omstanders verbijsterd achterlatend.

Toegesnelde politiemannen staan verbaasd te kijken. Het wordt enkele minuten muisstil totdat het geronk van de auto van Pril weer dichterbij komt. Eenmaal terug bij het vernielde hekwerk springt Pril uit z'n auto en begint machteloos te schreeuwen. 'Wat wodt hier verzweeg'n', roept hij enkele keren. Journalist Eddy van der Ley van het AD staat naast hem. Pril vervolgt: 'Alles plat, alles plat'...Agenten grijpen hem vast en brengen hem naar een gereedstaande ME-bus. Van der Ley roept nog om hem niet aan te houden, maar dat gebeurt toch.

Ruim 18 jaar later hebben de woorden van Pril destijds een sinistere betekenis gekregen. Want het vuurwerkramp-dossier is een dossier dat z'n gelijke niet kent. Talloze onderzoeken zijn er geweest, maar het ontstaan van de eerste brand op het terrein van de opslagplaats van vuurwerkbedrijf SE Fireworks is officieel nog steeds een raadsel. Zolang dat het geval is, blijven speculaties bestaan, al dan niet aangewakkerd door procespartijen zelf zoals de Rijksverheid, de gemeente Enschede, de brandweer, politie en Justitie.

Er zijn critici die zeggen: 'Hou er eens over op, het is nu zolang geleden.' Dat is een gegeven, maar als iemand mij geld leent, zeg ik na 18 jaar niet om daarover eens op te houden, want het is al zolang geleden.

Oud-Tolteam-rechercheur roept al jaren dat de vuurwerkramp kan worden opgelost, maar dat dit van overheidswege niet mag. Het bewijs is er niet, maar het heeft er alle schijn van. Omdat duidelijk te maken gaan we terug naar 2010 als het OM op 11 mei besluit een nieuw onderzoek te starten na een verklaring van een kroongetuige via TV Oost, nota bene een familielid van mededirecteur Pater en zijn vrouw Marion Schippers.

De kroongetuige verklaart dat er op die zaterdag 13 mei 2000 voor de eerste brand nog is gewerkt op het terrein aan een vuurwerktekstbordje. Het OM kan niet anders dan hiernaar onderzoek te doen. Via de directie van RTV Oost worden de programmamakers Frans Strikker en Rob Vorkink gevraagd om de geluidsopname met de kroongetuige aan de politie te overhandigen. Zij weigeren dat. De journalistiek is geen verlengstuk van Justitie en politie en de angst bestaat dat de kroongetuige als halve dwaas zal worden weggezet.

De politie start een klein rechercheteam met de naam Esaltato dat onder leiding staat van Erik Willems. In september is er zoveel nieuwe informatie beschikbaar dat Willems een voorstel doet het rechercheonderzoek naar het ontstaan van de vuurwerkramp helemaal opnieuw te doen. Willems bevestigt dat telefonisch aan oud-rechercheur Jan Paalman die hem van allerlei informatie had voorzien.

Achter de schermen gaat een hevig gevecht schuil tussen politie en Justitie. Het OM wil geen nieuw onderzoek, het zou een brevet van onvermogen aantonen. Er wordt een compromis bedacht. Eind september 2010 neemt een rechercheteam vanuit Zwolle het nieuwe onderzoek over onder de naam VerEsal. Reden: een frisse blik door een nieuw team. Dat team staat onder leiding van Lute Nieuwerth en Ton van der Griendt. Hoofdofficier is Wilbert Tomesen. Die rapporteert op z'n beurt aan de Justitiebazen in Den Haag die onder leiding staan van voorzitter Herman Bolhaar van het college van Procureurs-Generaal, die rechtstreeks rapporteert aan de minister van Justitie.

Na ruim één jaar wordt het onderzoek van VerEsal bekendgemaakt door Recherche-leider Lute Nieuwerth, burgemeester Peter den Oudsten van Enschede, hoofdofficier van Justitie: Wilbert Tomesen en de Twentse korpschef Martin Sitalsing. Het resultaat is bedroevend. De ramp is niet opgelost. Het is niet duidelijk hoe het eerste vlammetje is ontstaan. Er zijn 12 onderzoeksopdrachten uitgezocht, maar heeft vrijwel niets opgeleverd. Wat de media die donderdag in november 2011 niet te horen krijgen, is dat teamchef de Boer van VerEsal had voorgesteld een compleet nieuw onderzoek te doen naar de ramp. Opnieuw ligt Justitie dwars.

Hoofdofficier Wilbert Tomesen stelt dat er nog één onderzoek zal worden uitgevoerd omdat er grote onduidelijkheden zijn over het belangrijkste bewijsmateriaal tegen de vermeende brandstichter Andre de Vries, die dan al is vrijgesproken. Zouden Paalman en de Roy van Zuijdewijn dan toch het gelijk aan hun kant krijgen? Volgens Tomesen moet nader onderzocht worden hoe de vuurwerksporen in z'n sportbroekje zijn gekomen.

Dat enige nieuwe onderzoek zal nu opgepakt worden onder leiding van het Openbaar Ministerie in Groningen onder de naam Daslook. Opnieuw duurt het geruime tijd voordat de onderzoeksopdracht exact is geformuleerd en gaat het Daslook-team aan de slag.

Op 6 december 2012 meldt dat team dat er geen vraagtekens meer zijn en dat alles goed is onderzocht en ook alles klopt rondom het rode sportbroekje. Einde verhaal.

Wat de meeste journalisten niet wordt meegedeeld, maar uiteindelijk via een succesvolle WOB-procedure boven water komt is het volgende: een dag nadat VerEsal bekend maakt dat nader onderzoek moet volgen naar de vuurwerksporen in het rode sportbroekje van Andre de Vries, verandert voorzitter Bolhaar van het College van Procureurs-Generaal de onderzoeksopdracht ten aanzien van de sporen in het sportbroekje. Dat is logisch, want anders zou het gesjoemel worden ontdekt. Bolhaar vraagt in een brief aan officier van justitie Fred Westerbeke (die ook het onderzoek leidt naar de vliegramp MH 17), dat hij moet laat onderzoeken of het rechtshulpverzoek aan Kreta (waar de Vries is geweest en waarvan hij zegt daar de vuurwerksporen te hebben opgelopen), wel rechtsgeldig was.

Overigens zou aanvankelijk officier van justitie Henk van der Meijden het nieuwe vuurwerkkramponderzoek doen. De man die in 2004 de leiding had over het rijksrecherche-onderzoek waaruit bleek dat het Tolteam niets verkeerds had gedaan.

Zo gaat dat dus bij het OM. Gewoon blijven ronddraaien in een kringetje om de waarheid te blijven verhullen. De werkwijze van het OM is doorzichtig. Dat blijkt uit het volgende:

In 2010 doen Frans Strikker en Rob Vorkink aangifte tegen klusjesman Kloppenborg wegens poging tot doodslag. Hij probeert Vorkink met een honkbalknuppel op z'n hoofd te slaan. Kloppenborg doet op zijn beurt aangifte tegen hen vanwege huisvredebreuk. Oud-rechercheur Jan Paalman en SEF-directeur Rudi Bakker doen op hun beurt aangifte tegen oud-officier van justitie Herman Stam, tegenwoordig rechter in Almelo, oud-Tolteamleider Hans Kamperman en oud-rechercheur Willem Scheurs. De oude Tolteamleiding (Rik de Boer, Hans Kamperman en Cees Mijwaart) doen op hun beurt weer aangifte tegen Vorkink/Strikker vanwege smaad en laster. Justitie handelt de kluwen aangiftes simpel af daar alles tegen elkaar weg te strepen. De gemakkelijke variant. Het sepo tegen Paalman is het meest opmerkelijke. Omdat de Rijksrecherche in 2004 heeft verklaard dat er niets onoorbaars is gedaan door het Tolteam, is de aangifte van Paalman van nul en generlei waarde. En dat terwijl toen al bleek dat het RR-onderzoek niet deugde.

In 2018 komt Paul van Buitenen met een rapport naar buiten waaruit bovenstaande allemaal als feit kan worden gepresenteerd. Er is nog veel meer. Zoals de waarschuwing aan het adres van de gemeente Enschede, kort na de vuurwerkramp in Culemborg, dat het ook in Enschede mis kan gaan Dan is SE Fireworks nog in handen van de vorige eigenaar Harm Smallenbroek. Ook hij heeft een opmerkelijke rol in dit dossier dat nog totaal niet belicht is.

Het nieuwe rapport van Van Buitenen bevat voldoende munitie voor een nieuwe civiele claim tegen de rijksoverheid en de gemeente Enschede. Eén ding is zeker. Als destijds bekend was hoe de brandweerleiding in Enschede gefaald had, was Jan Mans geen burgemeester van Enschede meer geweest. Dat weet hij zelf ook.

Tot slot: De woorden van Frits Pril echoën nog na. Eén van de architecten van de doofpottheorie is oud-hoofdofficier van justitie: Wilbert Tomesen. Hij wordt nu voorziiter van het huis van klokkenluiders. Snapt u het nog?




Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #21 Gepost op: 9 Juli 2018, 05:55:50 »

https://www.linkedin.com/pulse/twentse-korpschef-piet-deelman-de-tita-tovenaar-van-rob-vorkink/?published=t

Twentse korpschef Piet Deelman, de Tita Tovenaar van de vuurwerkramp

    Gepubliceerd op 8 juli 2018

Rob Vorkink

Onderzoeksjournalist Follow the Money. Richt zich op onthullingen uit Oost-en Noord Nederland. Meld misstanden in uw gemeente op rob.vorkink@ftm.nl

Ruim 37 jaar maakte hij deel uit van het politiekorps in Nederland. Hij studeerde af op een scriptie over de relatie tussen pers en politie. Kwam uit het korps Ijsselland en volgde medio 2001 Aad Meijboom op als korpschef in Twente. Meijboom vertrok naar Rotterdam. Deelman kreeg direct een zwaar dossier op z'n bureau. De naweeën van de vuurwerkramp en dan met name de handelswijze van de leiding van het rechercheteam dat de vuurwerkramp onderzocht. Hij kwam in een wespennest terecht en liet twee kritische rechercheurs uit het team vallen als een baksteen. 'Een man met weinig ballen', laat ex-rechercheur Jan Paalman uit Rijssen zich in 2018 ontvallen.

Ondanks die kwalificatie heeft Deelman anno 2018 een prachtbaan bij Interpol en zit Jan Paalman werkeloos thuis. Hoe kon het zover komen?

Piet Deelman is amper korpschef in Twente of hij krijgt een intern memo van de rechercheurs Paalman en de Roy van Zuijdewijn in mei 2002. Daarin zetten beide rechercheurs uiteen waarom hun rechercheteam aan tunnelvisie leidt. Deelman is onder de indruk en laat het duo na een gesprek weten: 'Ik wil absoluut geen tweede Puttense moordzaak' (de onterechte veroordeling van twee mannen uit Putten van de moord op stewardess Christel Ambrosius).

Deelman's visie verandert snel als sneeuw voor de zon. De kritische rechercheurs zijn volgens hem rijp voor de psychiater en hij maakt hen samen met burgemeester Mans het leven zuur. Voor Deelman is loyaliteit aan het korps belangrijker dan integriteit. Het duo krijgt in 2005 strafontslag. Paalman en de Roy van Zuijdewijn begrijpen niets van de opstelling van Deelman. Als burgemeester Mans het strafontslag bekrachtigt is duidelijk dat het rechercheduo is 'kalltgestellt'.

Deelman neemt in 2008 afscheid van de politie Twente. Hij krijgt een nieuwe baan en zal in 2014 verkassen naar Interpol. Iedereen is lovend over de Twentse korpschef die bij z'n aantreden nog een villa naast het hoofdbureau van de politie in Enschede bedong en een relatie aanging met z'n secretaresse.

Het lot van de ontslagen rechercheurs Paalman en de Roy van Zuijdewijn laten hem koud. Dat doen ook ex-burgemeester Mans en z'n opvolger Den Oudsten. Wanneer Jan Paalman opheldering vraagt aan Deelman over zijn rol in de vuurwerkramp, laat deze zich ontvallen dat hij de vuurwerkramp van z'n harde schijf heeft gewist. De familie Paalman is ziedend over zo'n opmerking.

Deelman is niet de enige die zich ongevoelig toont in het vuurwerkramp-dossier. Dat is ok brandweerofficier Jans Weges. Hij presteert het om medio 2017 de toenmalige advocaat van brandweer-weduwe Mathilde van der Molen voor de gek te houden. Weges dwingt De Witte een contract te tekenen dat hij de brandweerverklaringen van zondag 14 mei kan krijgen om de vindplaatsen van de overleden brandweerlieden Van der Molen en Gremmen, te lokaliseren, niet aan derden verstrekt. De straf. Een geldboete bedoeld voor het brandwondencentrum in Beverwijk.

Als de weduwe de verklaringen via haar advocaat per post in 2018 krijgt aangereikt, blijken deze van 15 mei en later en niet afgenomen door brandweerofficier Jans Weges.

Sterker nog: recent spreekt brandweer-weduwe Mathilde van der Molen één van de brandweerlieden van het eerste uur. Deze zegt haar: 'Ik heb nooit met Jans Weges gesproken.'




Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #22 Gepost op: 12 Oktober 2018, 09:31:07 »

https://twitter.com/RobVor/status/1050468706122379265


Citaat
Rob Vorkink
‏ @RobVor
12h12 hours ago

Dossier vuurwerkramp, vanaf volgende week bij Follow the Money #ftm

Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #23 Gepost op: 29 Oktober 2018, 12:48:14 »

https://www.ftm.nl/artikelen/tno-pleegde-fraude-om-oorzaak-vuurwerkramp-enschede-te-verhullen?utm_medium=social&utm_campaign=sharebuttonnietleden&utm_source=twitter

 ‘TNO pleegde fraude om oorzaak vuurwerkramp Enschede te verhullen’
12
Rob Vorkink

Voormalig Europarlementariër Paul van Buitenen beschuldigt het TNO ervan wetenschapsfraude te hebben gepleegd in de nasleep van de Enschedese vuurwerkramp. Op basis van een intensieve studie concludeert de voormalig klokkenluider dat het onderzoeksinstituut medeverantwoordelijkheid draagt voor de strafrechtelijke veroordeling van de directie van vuurwerkbedrijf SE Fireworks. Ook zou het handelen van TNO brandweerlieden in gevaar hebben gebracht.
Dit stuk in 1 minuut

    Bijna twee decennia na de vuurwerkramp in Enschede levert het immense onderzoeksdossier nog altijd nieuwe geheimen op.
    Volgens nieuw review-onderzoek van 2014 tot 2018, uitgevoerd in opdracht van de Expertgroep Klokkenluiders in Utrecht, heeft onafhankelijk onderzoeksinstituut TNO een dubieuze rol gespeeld in technische onderzoeken van de ramp.
    Hierdoor bestaat tot nu toe een vertekend beeld over de werkelijke oorzaak van de ramp en de betrokkenheid van de Fireworks-directie. Ook is er nog altijd discussie tot op hoog niveau of vuurwerkbranden met water moeten worden geblust.

Lees verder

Het is dinsdag 11 oktober 2005. Het militair oefenterrein dichtbij de stad Stalowa Wola in het zuidoosten van Polen ligt er vredig bij, maar dat zal spoedig veranderen. Onafhankelijk onderzoeksinstituut TNO heeft het terrein namelijk afgehuurd voor een grote vuurwerkproef. Het betreft de voorlaatste reeks testexplosies van evenementenvuurwerk in een grootschalig Europees onderzoek, het zogeheten Chaf-project, dat wordt gehouden naar aanleiding van de vuurwerkramp in Enschede. Hierbij wordt onder meer gekeken naar een betere methode om vuurwerk te classificeren. Behalve medewerkers van het TNO en de brandweer, is er ook een delegatie ambtenaren van het ministerie van Binnenlandse Zaken en het RIVM aanwezig.

De Poolse proef krijgt een bizarre wending wanneer een partij van 5000 kilo licht evenementenvuurwerk (vuurpijltjes zonder stok, klasse 1.4), die verpakt zit in een hermetisch afgesloten container, op afstand via een elektronische ontsteker in brand wordt gestoken. Na seconden voltrekt zich een gigantische explosie. Brokstukken van de ontplofte container komen 500 meter verderop terecht. Op filmbeelden is te zien dat de explosie zich manifesteert als een rood-oranje paddestoel, omringd door grijze stofwolken.

De brokstukken vliegen de TNO-medewerkers, pyrotechnici, brandweerdeskundigen en beleidsmakers om de oren. In de omgeving sneuvelen zelfs ruiten van huizen. De overlast voor de buurt is dermate groot dat de proef niet mag worden herhaald. Een proef met mortierbommen van 6 inch, die veel zwaarder zijn – klasse 1.1 – dan de vuurpijltjes zonder stok, wordt echter driemaal gedaan. Elke keer is de reactie veel minder heftig dan bij die ene proef met het lichte vuurwerk in de container. De verbazing bij de aanwezigen is groot. Niemand had verwacht dat licht geclassificeerd evenementenvuurwerk met zo’n enorme kracht zou kunnen exploderen.
Herinneringen aan Enschede

Het Europese Chaf-project, waarvan de proef in Polen deel uitmaakt, is opgezet naar aanleiding van de vuurwerkramp in Enschede. En inderdaad roepen de beelden van de Poolse ontploffing herinneringen op aan die zaterdag in mei 2000, waarop zich in Enschede een van de grootste naoorlogse rampen van ons land voordoet. Het begint met een brand bij opslagbedrijf SE Fireworks, gevestigd aan de Tollensstraat in de woonwijk Roombeek. De brandhaard bevindt zich in een grote bunker, die zeventien compartimenten voor vuurwerkopslag bevat.

De Enschedese brandweer, met 22 man uitgerukt, blust de brand in één van de compartimenten van de bunker met water. Na twintig minuten lijkt het vuur onder controle, maar korte tijd later ontwikkelt zich boven een van de andere compartimenten een vuurtong. Daarna gaat het snel mis. Na enkele minuten volgen er met korte tussenpozen drie enorme explosies die de omgeving in een inferno veranderen. Vier brandweerlieden en 19 omwonenden komen om. Er zijn bijna duizend gewonden. Honderden huizen vliegen in brand of raken ontzet, en vele bewoners verliezen huis en haard. De financiële schade bedraagt in totaal 430 miljoen euro.

De dag na de ramp begint het zogenoemde Tolteam van de recherche – vernoemd naar de Tollensstraat, waar het bedrijf gevestigd is – te speuren naar informatie over de toedracht van de ramp en wie ervoor verantwoordelijk zijn. Heel Nederland leeft mee en het kabinet installeert een regeringscommissie onder leiding van oud-ombudsman Marten Oosting.  

De eigenaren van SE Fireworks, Rudi Bakker en Willy Pater, worden direct verantwoordelijk gehouden voor de catastrofe en zitten binnen een week achter de tralies. Ruim een half jaar later wordt Enschedeër André de Vries opgepakt op verdenking van brandstichting bij SE Fireworks.

In 2002 volgen de strafprocessen. De beide directeuren krijgen een celstraf van een half jaar voor overtreding van de milieuvergunning. André de Vries wordt veroordeeld tot 15 jaar. De beelden van zijn veroordeling, gemaakt door RTV Oost, krijgen landelijke bekendheid doordat de Enschedeër tijdens het voorlezen van het vonnis opspringt en in alle toonaarden zijn schuld ontkent.

In 2003 wordt De Vries in hoger beroep vrijgesproken, mede door verklaringen van twee kritische rechercheurs van het Tolteam: Jan Paalman en Charl de Roy van Zuydewijn. Ook de Fireworks-directeuren gaan in hoger beroep, maar voor hen loopt dat minder goed af: hun celstraf wordt met een half jaar verzwaard. Volgens de rechters kan het duo dood door schuld worden verweten door de opslag van te veel en te zwaar vuurwerk. De gevangenisstraf van één jaar wordt bekrachtigd door de Hoge Raad.

De ramp in Enschede, en de lange nasleep ervan, is onderwerp van een recent onderzoek door Paul van Buitenen (Breda, 28 mei 1957). Deze gewezen EU-ambtenaar verwerft internationale bekendheid als hij in 1999 als klokkenluider een doorslaggevende rol speelt bij het aftreden van de Europese Commissie. Later haalt hij met zijn politieke partij Europa Transparant twee zetels in het Europees parlement met een programma dat vooral is gericht op het bestrijden van fraude, corruptie en vriendjespolitiek binnen de Europese overheidsinstellingen.
De geheimen van Enschede

Tien jaar na de vuurwerkramp in Enschede, 2010, is een kantelpunt in de historie van de catastrofe. Begin 2010 besteed ik met RTV Oost-collega Frans Strikker nog eens aandacht aan de merkwaardige rol van politie, justitie en de rijksoverheid tijdens en na de ramp. De nieuwe inzichten die door ons graafwerk naar boven komen, vormen aanleiding voor Justitie om in mei 2010 een nieuw feitenonderzoek aan te kondigen. Een team nieuwe rechercheurs gaat aan de slag, maar hun speurtocht loopt in 2012 uit op een deceptie. Twee ontslagen rechercheurs, Jan Paalman en Charl de Roy van Zuydewijn, ontdekken met mij dat cruciale getuigen en documenten die opheldering zouden kunnen verschaffen over onbeantwoorde kwesties, niet zijn geraadpleegd. Voormalig rechercheur Paalman ziet zelfs een complot: ‘De vuurwerkramp kan wel opgelost worden, maar dat mag niet van hogerhand.’ In een poging om de waarheid alsnog boven water te krijgen, schakelt hij de Expertgroep Klokkenluiders in. Die geeft voormalig europarlementariër Paul van Buitenen opdracht om nog één keer grondig onderzoek te doen. Zijn rapport is onlangs verschenen, maar alleen in kleine kring bekend. Dankzij onder meer de aanklacht tegen het onderzoeksinstituut TNO, krijgt het vuurwerkramp dossier, 18 jaar na dato, een nieuwe wending.

Ik heb het dossier van de vuurwerkramp altijd intensief gevolgd en vanaf 2010 research gedaan aan de hand van gesprekken met hoofdrolspelers. Omdat politie, justitie en het Rijk na 2012 niets meer deden, maar er nog veel vragen onbeantwoord bleven, ben ik in het rapport van Van Buitenen gedoken. Het lijkt een oude kwestie, maar niets is minder waar. Op basis van de bevindingen van Van Buitenen heb ik dit artikel geschreven. In zijn onderzoek, dat vier jaar heeft geduurd, legt hij zaken bloot die politie en justitie – al dan niet bewust – hebben laten liggen. De slachtoffers van de ramp in Enschede hebben recht op openheid van zaken.
Lees verder






Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #24 Gepost op: 29 Oktober 2018, 12:49:09 »

(vervolg)

Sinds 2010 is Van Buitenen, die de politiek in 2009 de rug heeft toegekeerd, verbonden aan de stichting Expertgroep Klokkenluiders, die is opgericht om klokkenluiders te helpen en justitiële dwalingen aan de kaak te stellen. De Expertgroep raakt betrokken bij de vuurwerkramp als oud-rechercheur Paalman van het Tolteam zich als klokkenluider meldt met twijfels over de waarheidsvinding in het onderzoek rond de vuurwerkramp. Van Buitenen start namens de Expertgroep in 2014 een onderzoek naar de strafrechtelijke vervolging in dezen, en naar het handelen van de overheid.

Tijdens het bestuderen van de verschillende onderzoeken, rapportages en documenten, valt Van Buitenen naar eigen zeggen van de ene verbazing in de andere. Op 9 oktober van dit jaar legt hij de laatste hand aan zijn onderzoek. Het rapport telt meer dan duizend pagina’s.

Van Buitenen bestudeert in de loop van zijn onderzoek duizenden pagina’s strafdossiers, het onderzoek van de regeringscommissie-Oosting en de resultaten van technisch onderzoek door het TNO en het Nederlands Forensisch Instituut. Hij bekijkt het vergunningentraject van de gemeente, de verslagen van de controles bij SE Fireworks, rapporten van de diverse veiligheidsinspecties en een Europees onderzoek naar de oorzaak van massa-explosies en classificatie van vuurwerk. Daarnaast voert hij tientallen gesprekken met hoofdrolspelers en deskundigen. Zijn ervaringen deelt hij met enkele Tweede-Kamerfracties, en hij geeft een lezing achter gesloten deuren aan de gemeenteraad van Enschede.
Dubieus

De oud-Europarlementariër zegt een reeks misstanden te hebben ontdekt waarbij diverse overheden volgens hem een kwalijke rol hebben gespeeld. Voor één van die misstanden is, zo beweert hij, het onafhankelijke onderzoeksinstituut TNO verantwoordelijk.

Van Buitenen rapporteert dat het TNO zichzelf tegenspreekt over de oorzaak van de vuurwerkramp in Enschede. Zo meldt het onderzoeksinstituut enerzijds in 2001 aan Justitie dat er bij SE Fireworks op de rampdag te veel en te zwaar vuurwerk opgeslagen is geweest, en dat dit de oorzaak is geweest van de ramp. Anderzijds doet het onderzoeksinstituut een aanvraag bij de Europese Unie voor financiering van een uitgebreid wetenschappelijk onderzoek naar de vuurwerkramp in Enschede omdat de oorzaak daarvan niet te achterhalen is en de gigantische explosies onverklaarbaar zijn.

    Van Buitenen rapporteert dat TNO zichzelf tegenspreekt

Van Buitenen: ‘Het optreden van het TNO in 2001 is dubieus. Enerzijds laat het onafhankelijke onderzoeksinstituut hier de oren hangen naar het OM en anderzijds verklaart het het haaks daarop in een verzoek voor Europese subsidie.’

Een jaar na de veroordeling van de Fireworks-directie, krijgt het TNO inderdaad het gevraagde Europese gemeenschapsgeld om meerdere proeven met evenementenvuurwerk te kunnen doen. Het doel is de oorzaak van de vuurwerkramp vast te stellen en de heftigheid en invloed van de explosies te kunnen verklaren.

Intussen bereidt Justitie zich in 2002 voor op het hoger beroep tegen de SE Fireworks-directie, gewapend met de TNO-rapportage die stelt dat er bij het bedrijf op de rampdag te veel en te zwaar vuurwerk heeft gelegen en dat dit de oorzaak is geweest van de vuurwerkramp. In het hoger beroep tegen de twee directeuren van SE Fireworks, in 2003, tillen de rechters zwaar aan de door het TNO onderschreven beschuldiging van Justitie.

In zijn rapport reconstrueert Van Buitenen hoe het TNO Justitie te hulp is geschoten bij het scenario van ‘te veel en te zwaar’ vuurwerk op de rampdag. Die reconstructie begint al op de eerste dag na de vuurwerkramp, als een groep milieu-rechercheurs van het Tolteam naar informatie speurt over de hoeveelheid vuurwerk die op de rampdag bij het bedrijf opgeslagen is geweest, en over de gevarenklassen daarvan.
Bestellijsten, facturen en filmbeelden

Doordat het terrein oogt als oorlogsgebied waar bijna geen steen meer op de andere staat, gaan de rechercheurs, samen met specialisten van het TNO en het NFI, bij internationale leveranciers op zoek naar voorraadlijsten, documenten met bestellingen en facturen voor SE Fireworks uit mei 2000.

Paul van Buitenen

"Op basis van inschattingen en een aanname is de hoeveelheid vuurwerk berekend, maar die cijfers kloppen niet"

Die onderzoekslijn vergt geduld, maar de politiek en de samenleving willen snel antwoorden. De druk op de onderzoekers is dus groot. Bij diverse landen moeten echter eerst rechtshulpverzoeken worden gedaan, 177 in totaal, voordat de informatie binnenkomt.

Het Tolteam, het TNO en het NFI bekijken ook filmbeelden die gemaakt zijn van de ramp. Zo heeft RTV-Oost-medewerker Danny de Vries de explosies gefilmd vanuit de Tollensstraat en Roomweg, en Jack Huijgens en Gerrit Poort van de andere kant, vanaf het dak van het huidige Balengebouw. Die beelden worden frame voor frame bekeken. Ook wordt tijdens de politieverhoren beide directeuren naar de voorraden gevraagd. SE Fireworks mede-eigenaar Rudi Bakker praat honderduit en beweert stellig dat er alleen vuurwerk aanwezig is geweest van de lichtste gevarenklasse: 1.4. Zijn compaan Willy Pater kiest een andere strategie: hij zwijgt vooral.

Begin 2001 raakt het geduld in politiek Den Haag op. De commissie-Oosting moet nu toch eens met z’n onderzoeksrapport komen. Het land wil antwoorden. Oosting presenteert op donderdag 28 februari het langverwachte rapport. De conclusie is dat bij het vuurwerkbedrijf op de rampdag te veel en te zwaar vuurwerk heeft gelegen en dat de overheid tekort is geschoten in het toezicht en de handhaving. Die conclusie neemt Oosting één op één over van de bevindingen van Justitie, gerapporteerd door het TNO.

De conclusies van Oosting – feitelijk de conclusies van Justitie en het TNO, aldus Van Buitenen – zijn ingegeven door inschattingen van de opslaghoeveelheid (177 ton evenementenvuurwerk van klasse 1.4 en 1.3) en de aanname, op basis van de filmbeelden van Danny de Vries, Jack Huijgens en Gerrit Poort, dat er klasse 1.1 vuurwerk (massa-explosief, zoals bovengenoemde 6 inch mortierbommen) moet hebben gelegen. De hoeveelheid massa-explosief vuurwerk wordt later geschat op 800 kg. Deze gegevens staan in de tenlastelegging en dagvaarding van beide directeuren en worden genoemd door de commissie-Oosting, die op 28 februari 2001 haar rapport presenteert.

Paul van Buitenen: ‘Op basis van inschattingen en een aanname is dus de hoeveelheid vuurwerk berekend, maar die cijfers kloppen niet. Ik heb de gegevens vergeleken met de bedrijfsadministratie van SE Fireworks, die is bijgehouden tot vrijdag 12 mei 2000. Hierin staat dat bij het bedrijf op de rampdag 120 ton evenementenvuurwerk lag uit de lichtste gevarenklasse: 1.4. Vuurwerk uit de zwaardere gevarenklasse lag er niet, hoewel Fireworks ook een vergunning had voor de opslag van enkele tonnen 1.3. Van de opslag van het zwaarste vuurwerk, 1.1 en dus massa-explosief, was geen sprake.’

    ‘Wat wod hier verzweeg’n?! Alles plat!’

Vuurwerk of munitie?

Al direct na de ramp doen er, gevoed door de heftigheid van de explosies, allerlei wilde speculaties de ronde dat er ander materiaal bij SE Fireworks heeft gelegen dan vuurwerk. Veel Enschedeërs zijn en blijven ervan overtuigd dat er munitie van Defensie opgeslagen moet zijn geweest. Ook doet er een hardnekkig gerucht de ronde dat de opslagplaats een dekmantel is voor een geheim NAVO-wapendepot in de ultra-geheime Gladio-operatie. Voor beide theorieën is geen enkel bewijs gevonden. Van Buitenen stelt dat er wel degelijk onderzoek is uitgevoerd. Hij gelooft dan ook niet in de aanwezigheid van munitie van Defensie bij SE Fireworks.

Wie daar nadrukkelijk wél in gelooft, of in elk geval duistere vermoedens koestert, is de Enschedeër Frits Pril. Enkele dagen na de ramp rijdt hij voor de camera’s van RTV Oost met z’n auto dwars door de omheining van het afgesloten gebied. Na een korte rit keert hij terug aan de Lasondersingel en schreeuwt in Twents dialect: ‘Wat wod hier verzweeg’n?!’ En vervolgens: ‘Alles plat.’

Deze uitspraken echoën na 18 jaar nog na in dit dossier. Op internet circuleert nog steeds het relaas van Pril, die in een interview beweert zeker te zijn dat er munitie op het terrein heeft gelegen. Politie en justitie reageren er niet op, maar lijken soms creatief met de waarheid om te gaan. Zo beweren beide instanties openlijk dat de bedrijfsadministratie van SE Fireworks bij de ramp in rook is opgegaan, maar volgens Van Buitenen heeft Justitie financiele boekhouding in beslag genomen bij de huisaccountant van het bedrijf, De Jong en Laan in Enschede.

‘Ik heb van eigenaar Rudi Bakker een kopie gekregen en de cijfers verwerkt in het rapport,’ zegt Van Buitenen. Hij vermoedt dat de boekhouding buiten het strafdossier is gehouden omdat de werkelijke vuurwerk voorraad bij Fireworks kleiner was dan Justitie beweerde. Dat zou ontlastend zijn geweest voor de beide directeuren in hun strafproces.
Eerdere ramp

In het strafrechtelijk onderzoek naar beide SE Fireworks-bazen ontbreekt behalve de actuele bedrijfsadministratie nog een document dat politie en justitie meer duidelijkheid had kunnen verschaffen over de oorzaak van de vuurwerkramp: een TNO-onderzoek naar een eerdere vuurwerkramp in Nederland.

Die ramp doet zich voor in Culemborg, waar op 14 februari 1991 de opslagplaats van het bedrijf MS Vuurwerk ontploft. Er vallen twee doden: de dochter en schoonzoon van de eigenaar van de onderneming. De oorzaak is een bedrijfsongeval.

Het TNO Prins Maurits Laboratorium publiceert twee maanden later, in april 1991, een rapport over deze ramp. De belangrijkste conclusie is dat licht geclassificeerd vuurwerk in grote hoeveelheden een onverwacht grote explosie kan veroorzaken. Het TNO schrijft letterlijk dat opsluiting van vuurwerk explosie versterkende effecten heeft. Ook doet het onderzoeksinstituut aanbevelingen aan de vier betrokken ministeries om de veiligheid te verbeteren, maar daar wordt niets mee gedaan. Negen jaar later, na de vuurwerkramp in Enschede, komt het Culemborg-rapport alsnog tevoorschijn.

De regeringscommissie-Oosting refereert tijdens haar presentatie op donderdag 28 februari aan de vuurwerkramp in Culemborg, maar laat buiten beschouwing dat opsluiting van het vuurwerk de kracht van de explosies in Enschede kan hebben veroorzaakt. Met het Culemborg-rapport kan Oosting de heftigheid van de ramp in Enschede verklaren, maar dat laat hij na.

Politie en justitie gebruiken het Culemborg-rapport niet in hun strafrechtelijk onderzoek, hoewel ze er wel van op de hoogte zijn. Een maand na de ramp in Enschede ligt er een exemplaar van het onderzoeksrapport op het bureau van de rechercheurs van het Tolteam. Projectleidster Isabel Mensink van het milieuteam zegt daarover in 2004 in het boek Op zoek naar de onderste steen: ‘Als je het rapport leest, wordt de ramp van 13 mei eigenlijk al voorspeld. De kracht van de vuurwerkexplosie, de twijfel over de classificatie en de veiligheidsafstanden. Het is allemaal al bekend.’
Topje van de ijsberg

In het strafdossier dat wordt aangelegd tegen de twee directeuren van SE Fireworks worden de boekhouding van het bedrijf en het Culemborg-rapport buiten beschouwing gelaten, terwijl beide documenten van essentieel belang zijn voor de waarheidsvinding. Met deze onthullingen laat Van Buitenen een duistere kant zien van het strafrechtelijk onderzoek naar de vuurwerkramp.

Waarom wordt de opgeslagen hoeveelheid vuurwerk bij Fireworks gebaseerd op inschattingen en een aanname, en waarom is het rapport van de ramp in Culemborg, dat een verklaring biedt voor de kracht van de explosies, niet toegevoegd aan het strafdossier?

Leidinggevende Hans Kamperman van het Tolteam belooft te zullen doorgaan met speurwerk wanneer exact drie jaar na de vuurwerkramp, op dinsdag 13 mei 2003, Enschedeër André de Vries in hoger beroep wordt vrijgesproken van brandstichting. Zijn verklaringen zijn zo onsamenhangend dat het Hof er niets mee kan. Ook in dit geval blijkt waarheidsvinding echter niet het hoogste doel. Het Tolteam bekijkt nog enkele onderzoekslijnen, maar er is geen sprake van een doorstart van het fanatieke speurwerk door rechercheurs.
Brandweer tegenover beleidsmakers

Het onderzoek naar de vuurwerkramp verschuift zodoende van het domein van politie en justitie naar het domein van de wetenschap. Het TNO start in 2003 met zijn door de EU gesubsidieerde Europese onderzoek naar het gedrag en de effecten van laag geclassificeerd evenementenvuurwerk. Het onderzoek richt zich op de massa-explosies in onder meer Culemborg en Enschede, die gezien de lage classificatie van het aanwezige vuurwerk, 1.4 en 1.3, niet lijken te kunnen worden verklaard.

    
Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #25 Gepost op: 29 Oktober 2018, 12:49:34 »

(vervolg)

Ook in dit geval blijkt waarheidsvinding niet het hoogste doel

De studie bevindt zich in de afrondende fase als medio 2005 de voorlaatste test wordt gehouden in Polen. Het resultaat is oorverdovend en verwoestend. En dat met slechts 5000 kilo vuurwerk van de lichte klasse 1.4.

Terug in Nederland komen de deskundigen en de brandweer direct in actie. In een brief aan het ministerie van Binnenlandse Zaken eisen zij dat de blusregels in Nederland zo snel mogelijk worden aangescherpt. In Nederland mag brandend vuurwerk van de lichtste gevarenklasse (1.4) namelijk met water worden geblust. Meerdere brandweercommandanten uiten links en rechts hun zorg over de veiligheid van hun manschappen. De ervaren brandweerofficier Rein Hulst beschrijft de dreigende crisis tussen de veiligheidsregio’s en het ministerie van Binnenlandse Zaken een aantal jaren later in zijn scriptie Een andere kijk op vuurwerk, die hij maakt voor de leergang Master of Crisis and Disaster Development.

De beroepsgroep komt lijnrecht tegenover de beleidsmakers van het verantwoordelijke ministerie van Binnenlandse Zaken te staan, waardoor een crisis ophanden is. Achter de schermen is er, buiten het zicht van pers en publiek, voortdurend overleg. Medio november 2005, een maand na de omstreden test, zitten brandweereenheden, deskundigen en ambtenaren van het ministerie bij elkaar om de kwestie te bespreken. Tot een crisis komt het niet, maar de blusregels worden ook niet aangescherpt. Verantwoordelijk minister Johan Remkes schrijft na de bijeenkomst een officiële circulaire aan gemeenten en brandweerkorpsen waarin hij volhoudt dat het lichtste evenementenvuurwerk (1.4) gewoon met water kan worden geblust. De grote vraag is uiteraard waarom de beroepsgroep accepteert dat de blusinstructies niet worden aangescherpt. Volgens Van Buitenen speelt onderzoeksinstituut TNO bij het beantwoorden van die vraag wederom een voorname en dubieuze rol, net als in 2001.

In zijn brief weet Remkes de onrust en crisis te beteugelen door te melden dat in de Poolse container wel degelijk vuurwerk heeft gezeten uit de zwaarste gevarenklasse 1.1 – massa-explosief – en dus niet een partij licht geclassificeerd vuurwerk, 1.4. Het TNO komt in maart 2006 met een verklaring die in diverse media verschijnt. Woordvoerder Maarten Lörtzer: ‘Ooggetuigen van de proef hebben van tevoren te horen gekregen dat het evenementenvuurwerk is geclassificeerd als 1.4, maar dit klopt niet want er lag wel degelijk massa-explosief vuurwerk.’ De rust keert terug en iedereen gaat over tot de orde van de dag.
Blusprotocol vuurwerk brandweer Nederland

Na de vuurwerkramp in Enschede zegt de overheid de regels voor het blussen van vuurwerk te hebben aangepast, maar in feite zijn er alleen grotere afstanden voor de opslag van evenementenvuurwerk van toepassing. De praktijk is dat Nederlandse vuurwerkhandelaren ervoor kiezen dit vuurwerk in het buitenland op te slaan. De blusregels zijn gebaseerd op de gevaarsindicatie van de subklasse-indeling, overeenkomstig de instructies in onderstaand inzetprotocol:

    Vuurwerk gevarenklasse 1.1: hulpverleners in uitgangsstelling op 1000 meter; hulpverleners op 400 meter onder voorwaarde dekking; omgeving afzetten tot 1000 meter.
    Vuurwerk gevarenklasse 1.2: hulpverleners in uitgangsstelling op 1000 meter; hulpverleners op 400 meter onder voorwaarde dekking; omgeving afzetten tot 1000 meter; secundaire branden tot op 250 meter onder dekking blussen; object uit laten branden.
    Vuurwerk gevarenklasse 1.3: opstellen voertuigen op 100 meter; scherfinslag mogelijk tot op 50 meter; op 100 meter omgeving afzetten; blussing geen zin, concentreren op branduitbreiding.
    Vuurwerk gevarenklasse 1.4; opstellen voertuigen op 50 meter; op 50 meter omgeving afzetten; behandelen als gewone brand; rekening houden met kleine explosies.
    Voor de subklasse 1.4 geldt dat deze zelfs benaderd en bestreden kan worden als een gewone brand. Dit is het uitgangspunt voor de brandweer bij bestrijding van vuurwerkbranden.

Bron: Rein Hulst, scriptie ‘Andere kijk op vuurwerk’, mei 2009
Lees verder
Wetenschapsfraude

Ruim twaalf jaar na de verklaring van TNO-woordvoerder Lörtzer krijgt Van Buitenen, na de presentatie van zijn voorlopige onderzoeksresultaten aan een delegatie Tweede-Kamerleden, de tip om de rol van het TNO in de vuurwerkramp na te trekken. Dat doet hij. Hij reconstrueert de gang van zaken in Polen, spreekt met ooggetuigen en krijgt fotomateriaal toegespeeld. Het onderzoeksresultaat voegt Van Buitenen in september 2018 toe aan zijn meer dan duizend pagina’s tellende onderzoek. Hij trekt een keiharde conclusie: ‘Het TNO heeft met de uitleg van herclassificatie van 1.4 naar 1.1 wetenschapsfraude gepleegd.’ De Brabander bereidt een aangifte voor tegen het instituut. In zijn rapport staat fotomateriaal dat volgens hem bewijst dat er in de container in Polen geen massa-explosief vuurwerk van gevarenklasse 1.1 zat, maar licht vuurwerk van klasse 1.4. Het TNO zou de toedracht van de enorme explosie willens en wetens hebben verdraaid om de overheid buiten schot te houden.

Dat roept de vraag op waarom een onafhankelijk instituut als het TNO in 2001 de oren zou laten hangen naar het OM en in 2005 zou sjoemelen met de etikettering. Van Buitenen redeneert dat het TNO Justitie in 2001 te hulp schiet zodat het OM, met de beschuldiging van de opslag van teveel en te zwaar vuurwerk, een stevige aanklacht kan formuleren tegen SE Fireworks-directeuren Bakker en Pater. Als de tenlastelegging beperkt was gebleven tot overtreding van de milieuvergunning, zou dat volgens Van Buitenen geen recht hebben gedaan aan de geschokte rechtsorde.

Volgens de onderzoeker is het motief van het TNO voor de herclassificatie van het ontplofte vuurwerk in Polen geweest de onrust bij de brandweer te beteugelen en de dreigende crisis te bezweren. Het gevolg, volgens Van Buitenen: ‘Licht geclassificeerd vuurwerk, 1.4, mag nog altijd met water worden geblust. Buitengewoon gevaarlijk voor brandweerlieden. Dat heeft Enschede wel geleerd.’
‘Stevige beschuldigingen’

‘De beschuldigingen van malversaties en fraude door het TNO zijn zeer ernstig – als ze waar zijn. Maar of dat zo is, moet eerst goed worden uitgezocht.’ Dat zegt Lex Bouter, hoogleraar Methodologie en integriteit aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Hij heeft op verzoek van Follow the Money naar de beschuldigingen van wetenschapsfraude gekeken. In een reactie per mail stelt hij: ‘Het zijn nogal stevige beschuldigingen en ik kan op deze korte termijn geen inschatting maken hoe plausibel ze zijn. Bovendien gaat dit veel verder dan een aantijging van een schending van de wetenschappelijke integriteit door TNO-onderzoekers.’

    ‘Eenmaal brandend vuurwerk kan inderdaad niet meer worden geblust met water’

Het onderzoeksinstituut TNO is in de gelegenheid gesteld inhoudelijk te reageren op de beschuldigingen van Paul van Buitenen. Via woordvoerder Maarten Lörtzer volgt een formele toelichting. ‘Wij hebben nog niets gehoord van de beschuldigingen en aangifte. Als de beschuldigingen tot een klacht leiden die bij het TNO wordt ingediend, zullen wij daar zorgvuldig op reageren volgens de daarvoor geldende procedures. Daarop nu via de media te reageren of vooruitlopen, is geen onderdeel daarvan.’

Paul van Buitenen informeert dit voorjaar Tweede-Kamerleden, onder wie Ronald van Raak van de SP, over de gevaren van het blussen van als licht geclassificeerd vuurwerk met water. Volgens de Brabander hebben de vuurwerkramp in Culemborg (1991), de vuurwerkramp in Enschede (2000), de vuurwerkramp in het Deense Kolding (2004) en de Poolse vuurwerkproef (2005) aangetoond dat niet de classificatie, maar de manier van opslag van evenementenvuurwerk cruciaal is voor de heftigheid van de reactie bij brand.

De SP-parlementariër eist opheldering van de verantwoordelijke minister, Ferdinand Grapperhaus van Veiligheid en Justitie. Die antwoordt op Kamervragen over blusinstructies op 6 juni 2018: ‘Eenmaal brandend vuurwerk kan inderdaad niet meer worden geblust met water, zelfs niet bij onderdompeling.’

Van Buitenen is blij met het antwoord van minister Grapperhaus. Hij zucht: ‘Eindelijk zien ze – na 18 jaar – in politiek Den Haag dat ook licht evenementenvuurwerk niet langer met water mag worden geblust. Dat gebeurt trouwens nog wel. Een ander SP-kamerlid, Jasper van Dijk, heeft in september Grapperhaus gevraagd waarom de blusregel op dat punt nog niet is aangepast. Grapperhaus antwoordt binnenkort.’

Het vier jaaar durende onderzoek van Paul van Buitenen kan een beslissende aanzet zijn tot herschrijving van de historie van de Enschedese vuurwerkramp. Officieel wordt nog altijd beweerd dat die het gevolg was van de opslag van te veel en te zwaar vuurwerk. Het onderzoek van Van Buitenen laat zien dat hierover nu – op z’n minst – gerede twijfels zijn. Voor directeur Rudi Bakker van SE Fireworks is het rapport aanleiding om opnieuw naar de Hoge Raad te stappen voor herziening van zijn zaak.

Follow the Money publiceert binnenkort meer artikelen in dit dossier.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis
Over de auteur
Rob Vorkink
Gevolgd door 120 leden

Bonkige, ervaren onderzoeksjournalist uit Twente. Voor Follow the Money Lokaal speurt hij naar misstanden in NO-Nederland.

Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail
Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #26 Gepost op: 29 Oktober 2018, 12:53:59 »



Het laden van de container voor de vuurwerkproef in Polen. De klassificatie van het vuurwerk duidelijk zichtbaar: 1.4 en niet 1.1
Gelogd
sylvius
[ERF] lid
Held
*
Berichten: 4255


Bekijk profiel
« Antwoord #27 Gepost op: 29 Oktober 2018, 12:55:16 »

https://twitter.com/Minkmaat/status/1056847089341251584


Geert van den Bos
‏ @Minkmaat
2h2 hours ago
Replying to @RobVor

https://www.ftm.nl/artikelen/tno-pleegde-fraude-om-oorzaak-vuurwerkramp-enschede-te-verhullen?utm_medium=social&utm_campaign=Michiel-Werkman&utm_source=twitter

"  via een elektronische ontsteker in brand  "

ik dacht middels springstof

@PaulvanBuitenen

Gelogd
Pagina's: 1 [2] Omhoog Print 
« vorige volgende »
Ga naar:  

Powered by MySQL Powered by PHP Powered by SMF 1.1.4 | SMF © 2006-2007, Simple Machines LLC Valid XHTML 1.0! Valid CSS!